Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Via de Doktr-app spreek je snel met een erkende huisarts via video, zonder afspraak. De huisartsen kunnen je helpen met begeleiding en beoordeling van de symptomen. Indien nodig kunnen ze je doorverwijzen voor verder onderzoek en eventuele behandeling.
Als het vermoeden bestaat dat de kanker is uitgezaaid, wordt meestal een operatie uitgevoerd om de tumor te verwijderen. Meer onderzoeken en soms meer operaties kunnen nodig zijn om ervoor te zorgen dat er geen kanker achterblijft.
Hieronder volgen enkele voorbeelden van dergelijke onderzoeken en operaties:
Een melanoom kan zich vormen op een moedervlek of ergens op de huid waar zich geen moedervlek bevond. Verschijnt er bij volwassenen een nieuwe pigmentvlek of verandert er een bestaande moedervlek, dan raadpleeg je best je huisarts.
Let op deze waarschuwingssignalen:
Een melanoom heeft niet per se een donkere kleur. Soms vormen kwaadaardige pigmentcellen geen pigment meer. In ongeveer 5% van de gevallen is het melanoom niet gekleurd. Deze zeldzame soort wordt een ‘amelanotisch’ melanoom. Omdat ze niet de gebruikelijke kenmerken vertonen, worden ze vaak als goedaardig aanzien.
Als je naar je huisarts gaat omdat je een of meer van de hierboven beschreven symptomen hebt en er een vermoeden is van huidkanker, word je doorverwezen naar een specialist, meestal een dermatoloog of soms een chirurg.
De huisarts neemt niet altijd zelf een biopt. Soms verwijst de huisarts u meteen door naar de dermatoloog, zonder zelf eerst het plekje te laten onderzoeken.
Een basaalcelcarcinoom kan door de huisarts of de dermatoloog bijna altijd helemaal verwijderd worden. Het behandelen van een basaalcelcarcinoom is belangrijk, want het kan dieper in de huid groeien, waardoor het spierweefsel, kraakbeen of zelfs bot kan beschadigen. De kans op genezing is groot.Er zijn verschillende behandelopties voor basaalcelcarcinomen.
De meest voorkomende behandeling van een basaalcelcarcinoom is een operatie. De huisarts of de dermatoloog snijdt dan, onder een lokale verdoving, het plekje weg. Er wordt dan ook een randje van de gezonde huid meegenomen. Vervolgens onderzoekt een patholoog dit stukje huid weer en kijkt of er nog kanker in de snijrand zit. Is dit het geval en zijn er nog kankercellen zichtbaar in dit randje van de ‘gezonde huid’, dan is er nog een tweede operatie nodig waarbij een extra randje weggesneden wordt door de arts.
Zit het basaalcelcarcinoom in het gezicht of op het hoofd, dan kan worden gekozen voor mohs-chirurgie. Dit is een operatietechniek, wederom onder lokale verdoving, waarbij de arts het plekje krap weghaalt en zo min mogelijk gezonde huid wegsnijdt. Vervolgens wordt dit weefsel meteen onder de microscoop onderzocht.
Wanneer de kanker nog niet helemaal weg is, snijdt de arts weer een extra randje huid weg. Dit wordt ook weer meteen onderzocht. Zo gaat de arts verder tot er geen kankercellen meer worden gevonden onder de microscoop. Op deze manier blijft de wond zo klein mogelijk en wordt er zo min mogelijk gezonde huid weggehaald.
Is een operatie niet mogelijk of zal dit ontsierende, lelijke littekens opleveren, dan kan bestraling een behandeloptie zijn. Dit kan bijvoorbeeld overwogen worden bij plekjes in het gezicht en rond of op het oor. Bestraling kan ook gebruikt worden wanneer het plekje tijdens de operatie niet volledig kon worden verwijderd.
Na de eerste diagnose basaalcelcarcinoom, komen bij 1 op de 3 mensen binnen 5 jaar nieuwe basaalcelcarcinomen op andere delen van de huid. De oorzaak hiervoor is dat de huid op meerdere plaatsen schade heeft opgelopen door de UV-straling. In de eerste 6 maanden na de diagnose is de kans op een nieuw basaalcelcarcinoom het grootst.
Wanneer patiënten een extra hoog risico hebben om na de behandeling nieuwe basaalcelcarcinomen te krijgen, blijven enkele jaren bij de arts onder controle. Dit geldt ook voor patiënten die ernstige beschadiging van de huid hebben door de zon.
Tijdens een controle afspraak controleert de arts de plek, maar ook de rest van de huid, om te kijken of er op andere plekken al een basaalcelcarcinoom te zien is. Daarnaast is het natuurlijk ook belangrijk om zelf de huid goed in de gaten te houden. Het is aan te raden om eens in de 3 maanden goed te kijken of de huid veranderd is. Lees hier hoe u dat goed kunt doen.
Naast het zelf goed in de gaten houden van de huid is het belangrijk om u altijd goed tegen de zon te beschermen. Gebruik hiervoor elke dag een dagcréme met (minstens) factor 15 en zorg dat u niet te veel in de zon komt. Komt u op een dag wel veel in de zon, smeer u dan regelmatig in met zonnebrandcréme factor 30 of 50. Probeer daarnaast zo veel mogelijk een hoed te dragen wanneer u in de zon komt. Lees hier meer over goede bescherming van de huid.
Geschreven door Nadia Kamming (arts-onderzoeker dermatologie)