Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Zowel de plaats waar atopisch eczeem op het lichaam voorkomt, als de verschijningsvorm zijn afhankelijk van de leeftijd van de persoon en het stadium waarin het eczeem verkeert.
– Acuut eczeem: We zien roodheid, zwelling, vochtblaasjes, natten en krabeffecten. Daarna drogen de blaasjes in tot korstjes, gaat de huid schilferen en neemt de roodheid af.
– Chronisch eczeem: De roodheid neemt af, de schilfering neemt toe en de huid is wat dikker. De huidlijnen worden grover dan normaal, dit heet “lichenificatie”. In de stugge en/of droge huid kunnen (pijnlijke) kloven ontstaan.
Een typische en vervelende eigenschap van eczeem is dat het altijd in meer of mindere mate jeukt. Hierdoor krabt de patiënt aan de huid . Door het wrijven en krabben wordt het eczeem echter juist verergerd en in stand gehouden. Ook is de huid meestal droog, een droge huid geeft weer aanleiding tot jeuk.
– Baby’s: 4 weken tot 1 jaar, acuut eczeem, d.w.z nattend, blaasjes, korstjes, met felle roodheid en veel jeuk, in het gelaat (dauwworm) , romp en ledematen
– Kinderleeftijd, 1 jr tot 14 jr, gelaat, elleboogplooien en knieholtes, polsen en enkels: roodheid, bultjes, blaasjes, ook droog, kloofjes, verdikking en vergroving huid
– Volwassen leeftijd, vanaf 14 jr: chronisch terugkerend eczeem met periodes van rust en verergeringen . Vooral droog, schilferend met vergroving huid.
1. Prurigo van Besnier: heftige jeukende bulten op de romp en strekzijden ledematen
Je herkent atopisch eczeem vooral aan de extreme jeuk. Daarnaast is de huid rood en zijn er schilfertjes en blaasjes gevuld met vocht te zien. Meestal zit atopisch eczeem eerst op het gezicht. En verspreid het zich vervolgens in toenemende mate over het lichaam. Een belangrijk kenmerk is dat de huid rondom de mond en neus hierbij vaak gespaard blijft.
Je kunt zelf testen of je last hebt van atopisch eczeem. Dit doe je door een kras op de huid te zetten. Normaal blijft er dan een roze of rode kras op je huid achter. Maar bij atopisch eczeem blijft er een witte streep achter.
De atopische huid is dun, kapot en hierdoor extra gevoelig voor invloeden van buitenaf. Externe factoren dringen namelijk sneller en dieper de huid in. Omdat de bovenste huidlaag veel te dun is. Je lichaam reageert hier vervolgens ook veel sneller op. Terwijl deze externe prikkels waarschijnlijk bij iemand, met een dikkere huid, helemaal geen reactie uitlokt.
Over het algemeen hebben mensen met eczeem naast een dunne huid ook een droge huid. Dit komt met name door de slechte huid barrière functie. Zoals ik hierboven al beschreef, sluiten de huidcellen niet goed op elkaar aan. Hierdoor ontstaan er kleine openingen in de huid.
Super belangrijk is dus om stoffen te smeren die een afdekkend laagje over je huid leggen, waardoor vocht minder snel uit de huid kan ontsnappen. Onderaan deze blog geef ik een aantal fijne voorbeelden van cosmetica producten die dit doen!
Als je bovenstaande stappen al geprobeerd hebt. En niets lijkt het helpen, kan het zijn dat je last hebt van een moeilijk behandelbaar constitutioneel eczeem. Het kan dan fijn zijn om professionele hulp in te schakelen. Bijvoorbeeld een dermatoloog. Wel is het zo dat een dermatoloog vaak medicatie voorschrijft om het eczeem te verminderen.
Voorbeelden van dit soort medicaties, zijn: dermacorticosteroïden (persoonlijk ben ik hier écht geen fan van!), calcineurine remmers en teer preparaten. Daarnaast kan lichttherapie ook uitkomst bieden. Deze therapie heeft niet mijn voorkeur, omdat lichttherapie de huid op lange termijn natuurlijk verouderd.
Doordat de huid dunner is, heeft een huid met atopisch eczeem een vergroot risico op een virale of bacteriële infectie. Bijvoorbeeld een infectie met het herpes virus. Er ontstaat dan plotseling een blaar. En dit kan zich ontwikkelen in eczema herpeticum. Een zeer ernstig eczeem. Raadpleeg meteen je huisarts als je denkt dat er sprake is van eczema herpeticum.
Die Diagnose einer atopischen Dermatitis beim Hund erfolgt anhand einer Ausschlussdiagnostik. Zunächst führt der Tierarzt eine Besitzerbefragung (Anamnese) durch. Danach folgen die Allgemeinuntersuchung des Hundes und weitere spezielle Untersuchungen.
Um die mögliche Ursache für die Hauterkrankung besser eingrenzen zu können, erfolgt zunächst eine ausführliche Besitzerbefragung durch den Tierarzt. So können das Auftreten der Symptome zu einer bestimmten Jahreszeit oder allergische Erkrankungen der Elterntiere schon erste Hinweise sein.
Auch die Rasse und das Alter Ihres Hundes sind wichtig. Die Atopie tritt nämlich meist im Alter zwischen sechs Monaten und drei Jahren erstmalig in Erscheinung. Außerdem neigen bestimmte Rassen vermehrt zur Ausprägung einer atopischen Dermatitis.
Bei der sich anschließenden Untersuchung des Hundes gibt das typische Verteilungsmusters der Hautveränderungen einen guten Hinweis auf die Ursachen.
Sind alle anderen möglichen Ursachen ausgeschlossen, dann kann der Tierarzt einen Antikörpertest durchführen. Bei diesem kommen Bluttests oder Intrakutantests für den Nachweis von Antikörpern gegen Umweltallergene zum Einsatz.
Für den aussagekräftigeren Intrakutantest werden Allergene in die Haut gespritzt und die Reaktion darauf abgelesen. Dieser wird meistens nur von Dermatologen in größeren Tierarztpraxen oder Tierkliniken durchgeführt.
Dagegen kann ein Blutserumtest jederzeit durch spezialisierte Labore erfolgen. Jedoch ist ein positives Ergebnis allein nicht Beweis genug, da auch gesunde Hunde solche Antikörper in der Haut und im Blut besitzen. Der Tierarzt beurteilt dieses deshalb immer im Zusammenhang mit den Symptomen.
Vielleicht fragen Sie sich jetzt, was dann mit Allergietests ist – kann man denn damit keine atopische Dermatitis diagnostizieren? Und die Antwort lautet leider: Nein.
Wenn man schon weiß, dass ein Hund eine atopische Dermatitis hat, können Allergietests allerdings trotzdem Sinn machen – nämlich um herauszufinden, auf welche Allergene genau ein Hund vermutlich reagiert (ob er also z.B. am ehesten an einer Pollenallergie gegen Birkenpollen, an einer Hausstaubmilbenallergie oder an einer bestimmten Grasallergie leidet). Zum Einsatz kommen sie deswegen v.a. dann, wenn man plant eine Desensibilisierung (s.u.) durchzuführen. Da ist ein Allergietest dann unbedingt erforderlich, um die passenden Allergene für die Desensibilisierungs-Lösung auszuwählen.
Im Moment gibt es zwei verschiedene Allergietests: den Bluttest und den Hauttest. Wie sich die beiden Tests unterscheiden, wie sie durchgeführt werden und welcher besser für Ihren Hund geeignet ist, erfahren Sie hier: Allergietests bei Hund und Katze.
Het atopisch eczeem vormt een onderdeel van het “atopisch syndroom” . Hieronder vallen ook astma (benauwdheid en piepen), hooikoorts (verstopte neus, tranende ogen, niezen) en voedingsallergie (bijvoorbeeld voor pinda’s of noten) Vaak heeft de patiënt één of meerdere familieleden met één of meerdere van deze vier ziektebeelden. Het is inmiddels duidelijk dat een kind met atopisch eczeem ook later klachten kan krijgen van hooikoorts, astma of voedingsallergie. Andersom is het ook mogelijk. Een kind die op jonge leeftijd al symptomen heeft van hooikoorts of astma kan later ook eczeem ontwikkelen.
Atopisch eczeem is genetisch bepaald en kan daarom niet worden genezen. De aanleg voor atopisch eczeem wordt erfelijk overgedragen en kan al snel na de geboorte tot uiting komen. Studies tonen aan dat er niet één maar meerdere genen (= dit zijn stukjes erfelijk materiaal gelegen op de chromosomen ) gerelateerd zijn aan het ontstaan van atopisch eczeem. Zeker één deze genen is betrokken bij de opbouw van de huid barrière. Andere genen spelen een rol bij het ontstaan van het overgevoelig afweersysteem bij eczeem.
Mutatie filaggrine eiwit. Een deel van de patiënten met atopisch eczeem heeft een mutatie in het gen die verantwoordelijk is voor het aanmaken van filaggrine eiwit. Filaggrine ( oftewel: filament aggregating protein) heeft een belangrijke rol in de functie van de huid barrière. Filaggrine speelt een belangrijke rol in het dicht houden van de huid en ook als natuurlijke bevochtiger van de huid (zogenaamde “natural moisturizer) . Bij mutaties in dit gen ontstaat een droge huid en een verslechterde huidbarrière. De huid is hierdoor constant “lek”. Door dit verstoorde huid barrière kunnen bacteriën en virussen gemakkelijker van buitenaf de huid binnendringen maar vice versa ook water en voedingstoffen van binnenuit naar buiten ontsnappen. Waarschijnlijk hebben mensen met atopisch eczeem ook mutaties in andere genen die ook andere huidbarrière eiwitten aanmaken, maar dit wordt momenteel nog onderzocht. Verder zijn er aanwijzingen dat dit defect in de huidbarrière een ontstekingsreactie uitlokt bij eczeem, wat de klachten van roodheid, zwelling en jeuk kan verklaren. Het afweersysteem probeert hiermee het defect in de huid dus op te lossen maar veroorzaakt tegelijkertijd juist meer problemen voor de persoon met eczeem.