Blog

AZ Sint-Jan Huidziekten - Deskundige Zorg en Behandeling

Prostaatkanker kent stijgende incidentie

Deze stijging in incidentie is het gevolg van verschillende factoren. Enerzijds is er een snellere en betere diagnose. Het meer systematisch bepalen van de PSA-waarden door de huisarts, en de informatie- en bewustwordingscampagnes bij de bevolking zijn in dit verband heel belangrijk. Ongetwijfeld speelt ook de veroudering van de bevolking een rol: de incidentie van prostaatcarcinoma stijgt immers met de leeftijd. Mogelijk is ook onze westerse levensstijl – met overmatig gebruik van dierlijke vetten en alcohol – een bepalende factor.

Prostaatcarcinoma, indien tijdig gediagnosticeerd, kan genezen worden. Vermits beginnend prostaatcarcinoma vrijwel geen symptomen veroorzaakt, is een jaarlijkse PSAbepaling vanaf de leeftijd van ongeveer 50 jaar noodzakelijk om het gezwel in een gelokaliseerd stadium op te sporen. Hierbij speelt de huisarts een cruciale rol. Verschillende studies uit de USA – waar screening al enkele jaren langer gebeurt dan in Europa – bewijzen dat de sterfte ten gevolge van prostaatcarcinoma op deze wijze significant vermindert.

Wanneer de patiënt verneemt dat hij prostaatcarcinoma heeft, wordt hij dikwijls overmand door angst. In zijn zoektocht naar oplossingen, wordt hij geconfronteerd met conflicterende informatie en uiteenlopende behandelingsmethodes, zoals watchfull waiting, open of laparoscopische chirurgie, robotchirurgie, brachytherapie, cryochirurgie, hormonale therapie, HIFU, die zijn angst en onzekerheid alleen versterken. Daarenboven is de tijd die de arts aan de patiënt kan besteden niet onbeperkt.

Multidisciplinaire ondersteuning in het AZ Sint-Jan AV

Vermelden we ten slotte de cruciale rol van de huisarts bij het transmuraal overleg. De ontwikkeling van transmurale zorgpaden, in samenwerking met de HABO (Huisartsen van Brugge en Oostkust), zoals bij radicale prostatectomie is hiervan een voorbeeld. Uiteindelijk moet dit alles resulteren in een meer kwaliteitsvolle zorg voor de patiënt en zijn omgeving.

Brachytherapie is een radiotherapeutische techniek waarbij een radioactief isotoop tot in een orgaan of tumor gebracht wordt. De vrijgekomen straling wordt ter plaatse in hoge dosis afgegeven, terwijl de omgevende gezonde weefsels zo weinig mogelijk bestraald worden.

Brachytherapie van de prostaat is een relatief recente techniek (ongeveer 10 jaar oud). Als isotoop wordt iodium-125 gebruikt, soms ook palladium-103. Iodium-125 is een pure gammastraler met een lage energie (27-35 keV) zodat de penetratie in de omgevende weefsels gering is. Iodium-125 heeft een halfleven van 60 dagen. Dit betekent dat 88% van de dosis na zes maanden afgegeven is en de straling na twee jaar quasi weg is.

De radioactieve zaadjes worden onder algemene anesthesie en onder echografische begeleiding via holle naalden transperineaal in de prostaat gebracht. Via computerdosimetrie wordt berekend waar en hoeveel zaadjes geplaatst moeten worden om een homogene dosisverdeling over de prostaat te bekomen, met een zo laag mogelijke dosis op het rectum en de urethra, de twee risico-organen.

Brachytherapie is aangewezen bij het beginnend prostaatcarcinoom (stadium T1-T2), dat gezien de screening frequenter gediagnosticeerd wordt. De Gleasonscore moet kleiner zijn dan 8 en het PSA moet lager zijn dan 20 ng/ml, bij voorkeur zelfs lager dan 10 ng/ml. Tevens moet het prostaatvolume kleiner zijn dan 50 ml. Indien het volume echter te groot is, kan er enkele maanden hormonale therapie (LHRH-analoog of een anti-androgeen) gegeven worden om volumereductie te bekomen. Patiënten met een obstructief urinair lijden zijn geen goede kandidaten voor deze techniek. Voor het beginnend prostaatcarcinoom zijn de resultaten gelijkwaardig aan externe bestraling of radicale prostatectomie.

Hoe tevreden zijn patiënten?

Onze patiëntenenquêtes worden digitaal afgenomen. Via een QR-code krijgt de patiënt snel en gemakkelijk toegang tot de digitale enquête op smartphone/tablet. De patiënt kiest zelf wanneer hij/zij deze invult. De digitale enquêtes gaan specifiek over de Vlaamse Patiënten Peiling. Dat is een bevraging die we van de Vlaamse overheid verplicht moeten afnemen en peilt naar de algemene tevredenheid van onze patiënten. Met de resultaten uit de enquêtes, kunnen we actie ondernemen om onze zorg te verbeteren en af te stemmen op de behoeften van onze patiënten.

Een onderdeel van een kwaliteitscultuur is het analyseren van situaties waarin er (bijna) een fout gebeurde.

Een (medisch) incident is een onbedoelde gebeurtenis tijdens de zorg die bij de patiënt tot schade heeft geleid, had kunnen leiden of (nog) zou kunnen leiden.

Wat bij conflicten?

Wanneer een patiënt of zijn familie het niet eens is met de code en behandelingen eist die de arts niet zinvol vindt, ontstaat een aparte situatie waarover heel wat literatuur bestaat. Kort samengevat raadt men steeds aan overleg te houden, de patiënt of zijn familie bijkomende uitleg te geven in de hoop dat zij tot het juiste inzicht komen. Bij een blijvend confl ict kan de arts niet gedwongen worden om in zijn ogen zinloze medische behandelingen uit te voeren. In dat geval vraagt hij het advies van een andere arts. Deze tweede arts kan proberen te bemiddelen, maar bij een blijvend confl ict heeft de patiënt het recht zich tot andere artsen te wenden. Indien de patiënt een behandeling weigert en de arts dit geen verstandige beslissing vindt, dan is deze laatste toch juridisch gebonden de wens van de patiënt te respecteren, tenzij in uitzonderlijke en urgente situaties.

Een DNR-code is een intern, ziekenhuiseigen document dat dient om beslissingen te kunnen nemen tijdens wachtdiensten, op basis van eerdere gesprekken en keuzes. Hiernaast bestaat nog de vroegtijdige zorgplanning of advance care planning, waarbij artsen de doelen van behandelingen bij een bepaalde patiënt defi niëren. Advance care planning is ziekenhuisoverschrijdend: ook de huisarts en rusthuisartsen worden betrokken bij de afspraken. Ten slotte is er nog het document “voorafgaande wilsbeschikking” in de euthanasiewet én de zogenaamde levenstestamenten waarin de patiënt zelf neerschrijft welke behandelingen hij niet meer wil. Deze documenten worden aangewend wanneer de patiënt niet meer in staat is om zijn wensen zelf te uiten. Een DNR-code vervangt deze documenten niet, maar kan er wel bij gevoegd worden. In 2011 voert het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV de nieuwe code in via een medisch dienstorder met praktische richtlijnen.

Voor 16:00 besteld: dezelfde dag verzonden
Gratis verzending vanaf € 75
Klantenservice met jaren ervaring
Gratis sample bij je bestelling!