Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
MANNELIJKE VOICE-OVER: 'Wat is het rotavirus?'
MANNELIJKE VOICE-OVER: 'Waarom is vaccinatie tegen het rotavirus nodig?'
PATRICIA: 'Kinderen kunnen door hevige of langdurige diarree uitdrogen en dan moeten ze naar het ziekenhuis. Dat gebeurt elk jaar met ongeveer 3500 kinderen. Dat zijn er zo'n tien gemiddeld per dag. En er overlijden ook vijf tot zes kinderen per jaar aan de gevolgen van een rotavirusinfectie. De rotavirusvaccinatie geeft bescherming tegen ernstig ziek worden door het rotavirus. En die bescherming houdt minimaal drie jaar aan. En daarmee is je kind gedurende de jaren dat die het meest kwetsbaar is, beschermd tegen rotavirus.
MANNELIJKE VOICE-OVER: 'Welk vaccin wordt gebruikt voor de rotavirusvaccinatie?'
PATRICIA: 'Het vaccin heet Rotarix. Het is in vloeistof en het zit in een kleine tube. Kinderen krijgen de vloeistof in de mond gedruppeld. Het is dus geen prik. Dat druppelen gebeurt op het consultatiebureau. De eerste keer als kinderen zes tot negen weken oud zijn en dan nog een keer op de leeftijd van drie maanden. Het vaccin wordt al sinds 2006 in heel veel andere landen gebruikt. En daar heeft het al geleid tot een flinke afname in het aantal ziekenhuisopnames onder jonge kinderen.'
MANNELIJKE VOICE-OVER: 'Zijn er ook nadelen aan het vaccin tegen rotavirus?'
PATRICIA: 'Zoals bij elke vaccinatie kunnen er ook bijwerkingen zijn. Kinderen voelen zich dan niet zo lekker of ze krijgen een beetje diarree. Dat is doorgaans van korte duur. Er bestaat ook een kleine kans op een zeldzame bijwerking van het rotavirusvaccin. En dat is een verdraaiing of blokkering van de darm. Dit komt maar heel zelden voor en het is goed te behandelen met medische zorg.
MANNELIJKE VOICE-OVER: 'Meer weten over rotavirusvaccinatie? Ga naar rijksvaccinatieprogramma.nl/vaccinaties/rotavirus.
Sinds 2009 wordt in Nederland vaccinatie aangeboden tegen infectie met het human papillomavirus ( HPV humaan papillomavirus (humaan papillomavirus) ) ter preventie van (voorloper stadia van) baarmoederhalskanker. Jaarlijks krijgen ongeveer 700 vrouwen baarmoederhalskanker en sterven hieraan ongeveer 200 vrouwen. De afgelopen jaren is informatie beschikbaar gekomen dat HPV ook andere vormen van kanker kan veroorzaken zoals kanker van de vagina, vulva, penis, anus en mond/keel. Continue surveillance van gemelde bijwerkingen die optreden na vaccinatie wordt uitgevoerd aan de hand van een spontaan meldsysteem. Daarnaast is na de invoering van HPV-vaccinatie actief onderzoek gedaan naar klachten/symptomen die optraden in de week ná HPV-vaccinatie. Ook zijn deze vergeleken met het voorkomen van systemische klachten/symptomen in de periode vóór vaccinatie.
De hoeveelheid maternale antilichamen in het bloed van de pup neemt langzaam af. Het verschilt per pup hoe snel het dier de bescherming door maternale antilichamen verliest: sommige pups zijn na een week of zes al minder beschermd, bij andere pups houdt de bescherming langer dan twaalf weken aan. Dit is afhankelijk van de hoeveelheid antilichamen die de pup de eerste levensdag heeft opgenomen via de melk. Omdat vooraf niet te zeggen is hoe lang een pup beschermd is, is het belangrijk bijtijds te beginnen met vaccineren.
De eerste inenting wordt vaak gegeven als de pups nog bij de moeder zijn. In de wetgeving (Regeling Houders van Dieren) is namelijk opgenomen dat pups die in een bedrijf (dus bijvoorbeeld bij een beroepsmatig fokker) worden gehouden, vóór de leeftijd van 7 weken in ieder geval hun eerste inentingen tegen Parvo en Hondenziekte moeten krijgen.
Daarnaast is het belangrijk om de puppyvaccinaties meerdere malen te herhalen. Als er namelijk nog veel maternale antilichamen aanwezig zijn maken deze het vaccin onwerkzaam waardoor de pup geen kans krijgt om zelf antilichamen aan te maken. Pups die veel maternale antilichamen hebben, zullen op de vroege vaccinaties onvoldoende reageren, maar een aantal weken later daar waarschijnlijk wel toe in staat zijn. De puppyvaccinaties worden daarom om de twee tot vier weken herhaald.
Pups die nog maar weinig maternale antilichamen over hebben zullen op de vaccinatie reageren.
Op een leeftijd van 6 weken is dat slechts een klein gedeelte van de pups: zij beginnen als reactie op de vaccinatie eigen antilichamen aan te maken. Bij de overige pups werkt de vaccinatie nog niet.
Op een leeftijd van 9 weken is al een groter deel van de pups zijn maternale antilichamen kwijt, en zij profiteren op dat moment van een vaccinatie door als reactie zelf antilichamen aan te maken.
Bij de meeste pups zijn de maternale antilichamen op een leeftijd van 12 weken wel verdwenen, zodat ze eigen antilichamen aanmaken als reactie op een vaccinatie. Een klein deel van de pups zal echter ook op de leeftijd van 12 weken nog niet voldoende eigen antilichamen kunnen aanmaken omdat er nog teveel antilichamen van de moeder in het bloed aanwezig zijn.
Er is onderzocht welke bijwerkingen de HPV-vaccinatie kan veroorzaken. Volgens het RIVM is de vaccinatie veilig en zal deze geen ernstige bijwerkingen veroorzaken. Na de prik kun je wel last krijgen van spierpijn, jeuk of roodheid op de plek waar de prik is gezet. In sommige gevallen is er sprake van koorts, buikpijn, hoofdpijn of misselijkheid. Deze klachten van de HPV-vaccinatie zijn geen bijwerkingen op lange termijn, ze gaan dus vanzelf weer weg.
Er gingen een tijdje verhalen rond dat een bijwerking van de HPV-vaccinatie zou zijn dat je onvruchtbaar kunt worden van de vaccinatie. Volgens het RIVM is dit niet het geval. De inenting heeft geen enkele invloed op je voortplantingsorganen en kan geen onvruchtbaarheid veroorzaken. Zo is er in 2020 nog wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Gynaecologisch oncoloog Heleen van Beekhuizen bevestigt dit: ‘Je wordt niet onvruchtbaar van de vaccinatie. Je kunt wél onvruchtbaar worden van baarmoederhalskanker.’
De keuze om wel of niet te gaan voor een HPV-inenting is helemaal aan jezelf. To prik or not to prik? Hopelijk heeft deze informatie je kunnen helpen die vraag te beantwoorden. Bij Women's Health geven we geen advies en voorzien we je alleen van informatie. Mocht je een vraag hebben over jouw persoonlijke situatie, raadpleeg dan een huisarts. Voor de meest recente ontwikkelingen op het gebied van HPV kun je kijken op de site van het RIVM.
Auteurs: T.M. Schurink-van t Klooster, J.M. Kemmeren, W.J.A. Hilgersom, J. Hoes, H.E. de Melker
Infectieziekten Bulletin, jaargang 30, nummer 3, april 2019
In 2009 is er gestart met een catch-up vaccinatiecampagne voor meisjes geboren in 1993-1996 (13 t/m 16 jaar) en vanaf 2010 wordt HPV humaan papillomavirus (humaan papillomavirus) -vaccinatie via het Rijksvaccinatieprogramma ( RVP Rijksvaccinatie programma (Rijksvaccinatie programma) ) aangeboden aan 12/13-jarige meisjes (geboren vanaf 1997). (1) In eerste instantie bestond de HPV-vaccinatie uit een 3-dosesschema op 0, 1 en 6 maanden. Vanaf 2014 wordt een 2-dosesschema (0 en 6 maanden) aangeboden voor meisjes die voor hun 15e verjaardag starten met de vaccinatie. Tot op heden wordt het bivalente HPV-vaccin gebruikt dat gericht is tegen HPV-typen 16 en 18, die samen ongeveer 70% van de baarmoederhalskankers veroorzaken. Wereldwijd is het HPV-vaccinatie ingevoerd in 80 landen. (2)
In de afgelopen jaren is er regelmatig media-aandacht geweest rondom de veiligheid van HPV-vaccinatie. Zo waren er zorgen over mogelijke bijwerkingen als posturaal orthostatisch tachycardie syndroom (POTS), complex regionaal pijnsyndroom (CRPS) en chronisch vermoeidheidssyndroom ( CVS congenitaal varicellasyndroom (congenitaal varicellasyndroom) ). Na een review concludeerde de European Medicines Agency ( EMA European Medicines Agency (European Medicines Agency) ) in november 2015 dat er geen bewijs is dat HPV-vaccins POTS of CRPS kunnen veroorzaken. (6) Onderzoek in Engeland en Noorwegen toonden geen verhoogd risico op vermoeidheidssyndromen voor gevaccineerde meisjes. (7-9)
In Nederland vindt continue surveillance plaats naar klachten/symptomen die optreden na vaccinatie en wordt nader onderzocht of deze klachten/symptomen mogelijk geassocieerd zijn met vaccinatie. Mede naar aanleiding van nationale en internationale media-aandacht en de review van de EMA heeft het Bijwerkingencentrum Lareb Landelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen (Landelijke Registratie Evaluatie Bijwerkingen) in Nederland meer meldingen ontvangen. Nadere analyse is gedaan op basis van meldingen van mogelijke langdurige bijwerkingen van het HPV-vaccin en er zijn aanvullende onderzoeken uitgevoerd. In dit artikel worden de resultaten beschreven van de surveillance en studies naar mogelijke bijwerkingen van het HPV-vaccin. De resultaten zijn eerder gepubliceerd. (10-18) Het veiligheidsprofiel is in overeenstemming met buitenlands onderzoek waarbij milde voorbijgaande klachten/symptomen zoals pijn rond de prikplaats, spierpijn, hoofdpijn en moeheid regelmatig voorkomen. (16-18) Er zijn geen aanwijzingen zijn voor associatie van het HPV-vaccin met langdurige bijwerkingen. (6-9, 14, 15).