Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Als je last hebt van eczeem, is het zaak om je voedingspatroon en/of levensstijl enigszins aan te passen. Naast de natuurlijke behandelingen waar ik later op terug kom, zijn er in ieder geval een paar algemene adviezen:
‘Hormoonzalf kun je beter niet gebruiken. En als je het dan toch doet, smeer het dan zo dun mogelijk’. Jette de Groot en Florine Schussler-Raymakers horen deze fabels regelmatig en willen ermee afrekenen. Als verpleegkundig specialisten bij het nationaal expertisecentrum Eczeem van het UMC Utrecht begeleiden zij volwassenen en kinderen, vaak met ernstig eczeem. Om hen nog beter te kunnen helpen ontwikkelden zij de app Zalf Smeerwijzer.
Smeren, smeren en nog eens smeren is vaak het devies voor mensen met eczeem. Door je huid regelmatig en goed in te smeren met zalven - basiszalven of hormoonzalven die vaak wordt gebruikt in de acute ontstekingsfase - kun je ontstekingsreacties van de huid onderdrukken. Daardoor verminderen klachten zoals roodheid, huidschilfers, droogheid van de huid en jeuk.
Als je last hebt van eczeem hoef je niet altijd direct te grijpen naar een medicinale zalf waar hormonen in zitten. Door de medische wereld worden er twee soorten zalven van elkaar onderscheiden, namelijk:
De basiszalf wordt puur gebruikt om de huid gehydrateerd en rustig te houden. Deze wordt gebruikt zowel als je last hebt van eczeem als in de rustigere periodes daartussen. Basiszalven kun je krijgen op recept van je arts, maar je kunt ze ook krijgen in een drogisterij.
Medicinale zalven worden gebruikt als je daadwerkelijk last hebt van eczeemplekken op en rondom deze plaatsen. Misschien denk je eerst dat alle medicinale zalven tegen eczeem hormoonzalven zijn, maar dat is niet zo.
Naast hormoonzalven zijn er ook antibioticazalf en tacrolimus- en pimecrolimuscreme. De laatste twee zalven onderdrukken de ontstekingsreactie van de huid, zonder dat de huid hiervan dunner wordt zoals bij hormoonzalven. Er zijn wel andere mogelijke bijwerkingen zoals huidirritatie, ontstoken haarzakjes en infecties.
Schimmels en gisten zijn overal. Ze zitten bij iedereen op het lichaam. Dit is meestal niet erg. Op uw huid zit een vetlaagje dat u beschermt en zorgt dat u geen klachten krijgt.
Soms werkt de bescherming van uw huid minder goed. Bijvoorbeeld als het vetlaagje van uw huid eraf gaat. De schimmel komt dan uw huid binnen en kan daar groeien. U krijgt dan plekken op de huid.
In deze situaties krijgt u sneller last van schimmels:
De schimmel komt meestal van iemand in uw omgeving.
De schimmel zit in schilfers van de huid. De schilfers laten los van de huid en komen op bijvoorbeeld de vloeren van zwembaden, doucheruimtes en sportruimtes. Als u deze schilfers op uw huid krijgt, kunt u plekken krijgen.
Sommige schimmels kunt u krijgen van dieren.
Huidschimmel gaat meestal vanzelf over. U kunt de plekken behandelen. Zo kunt u de kans kleiner maken dat u de huidschimmel doorgeeft aan anderen.
U kunt huidschimmel behandelen met een crème of zalf met een middel tegen schimmel. Zoals terbinafine op de huid , miconazol op de huid of clotrimazol op de huid . U kunt dit zonder recept kopen bij de drogist of apotheek.
Terbinafine-crème hoeft u minder vaak en minder lang te smeren dan de andere crèmes. Ze werken even goed.
Miconazol kan de werking van sommige bloedverdunners veranderen. Gebruikt u bloedverdunners? Vraag uw huisarts of u dan crème met miconazol wel mag gebruiken.
Soms zit de schimmel te diep in de huid. Dan helpt de crème niet goed. De huisarts kan u dan pillen tegen schimmel voorschrijven. Meestal zijn dit pillen met terbinafine.
Pillen tegen schimmel zijn sterke medicijnen. Dit is belangrijk om te weten: