Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
ontsteking van de talgkliertjes : in feite een soort heel plaatselijke acne. Dit zou kunnen want er worden regelmatig kleine puistjes in het gebied waargenomen.
pityrosporon infectie : deze gistinfectie kan seborrhoisch eczeem en kleine puistjes veroorzaken in ondermeer het gelaat. Wanneer nergens anders in het gelaat vergelijkbare klachten aanwezig zijn is Pityrosporon als oorzaak van het perinasaal eczeem niet zo waarschijnlijk.
demodex-infectie : demodexmijten komen bij iedereen in het gelaat voor en verblijven in de follikelopeningen van de haarzakjes. Een plaatselijke overbevolking van demodex kan leiden tot klachten van roodheid, schilfering en puistjes.
bacteriële infectie : soms lijkt een lokale overgroei van stafylokokken of streptokokken een rol te spelen. Met name als de huid bij het neusgat meedoet met de ontsteking wordt dit door dermatologen als mogelijke (mede-) oorzaak beschouwd.
Omdat vaak niet duidelijk is wat de precieze uitlokkende factor is, is er ook geen standaardbehandeling voor perinasaal eczeem. De dermatoloog zal vaak kiezen voor een combinatie van verschillende producten. Deze combinaties kunnen antibiotica bevatten, maar ook corticosteroïden , gistdodende middelen of desinfectantia .
In de praktijk blijkt perinasaal eczeem hardnekkig en blijkt het nodig om verschillende combinaties van crèmes en gels toe te passen om te zien welke combinatie het beste aanslaat…
Aan perinasaal eczeem gerelateerde onderwerpen
Het bewijs is van variabele kwaliteit. De medicijnen, dosissen en uitkomsten verschilden tussen studies. Hierdoor was het niet altijd mogelijk om resultaten van verschillende studies te combineren, wat normaal gedaan wordt in een systematisch literatuuroverzicht. Er is bewijs van goede kwaliteit dat 0,1% tacrolimus beter is dan de 0,03% concentratie en LCS van lage sterkte. Het bewijs is minder betrouwbaar voor de vergelijking tussen beide concentraties van tacrolimus (0,1% vs. 0,03%) en de LCS van matige tot hoge sterkte.
Het onderzoek gebruikte objectieve metingen en de beoordeling van de dokters, maar slechts weinig studies rapporteerden de inschattingen van de patiënten zelf, wat jammer is.
Doordat de huidbarriére bij atopisch eczeem minder goed werkt en daardoor de huid vaak stuk is ontstaan er gemakkelijker infecties.
Het atopisch eczeem vormt een onderdeel van het “atopisch syndroom” . Hieronder vallen ook astma (benauwdheid en piepen), hooikoorts (verstopte neus, tranende ogen, niezen) en voedingsallergie (bijvoorbeeld voor pinda’s of noten) Vaak heeft de patiënt één of meerdere familieleden met één of meerdere van deze vier ziektebeelden. Het is inmiddels duidelijk dat een kind met atopisch eczeem ook later klachten kan krijgen van hooikoorts, astma of voedingsallergie. Andersom is het ook mogelijk. Een kind die op jonge leeftijd al symptomen heeft van hooikoorts of astma kan later ook eczeem ontwikkelen.
Atopisch eczeem is genetisch bepaald en kan daarom niet worden genezen. De aanleg voor atopisch eczeem wordt erfelijk overgedragen en kan al snel na de geboorte tot uiting komen. Studies tonen aan dat er niet één maar meerdere genen (= dit zijn stukjes erfelijk materiaal gelegen op de chromosomen ) gerelateerd zijn aan het ontstaan van atopisch eczeem. Zeker één deze genen is betrokken bij de opbouw van de huid barrière. Andere genen spelen een rol bij het ontstaan van het overgevoelig afweersysteem bij eczeem.
Mutatie filaggrine eiwit. Een deel van de patiënten met atopisch eczeem heeft een mutatie in het gen die verantwoordelijk is voor het aanmaken van filaggrine eiwit. Filaggrine ( oftewel: filament aggregating protein) heeft een belangrijke rol in de functie van de huid barrière. Filaggrine speelt een belangrijke rol in het dicht houden van de huid en ook als natuurlijke bevochtiger van de huid (zogenaamde “natural moisturizer) . Bij mutaties in dit gen ontstaat een droge huid en een verslechterde huidbarrière. De huid is hierdoor constant “lek”. Door dit verstoorde huid barrière kunnen bacteriën en virussen gemakkelijker van buitenaf de huid binnendringen maar vice versa ook water en voedingstoffen van binnenuit naar buiten ontsnappen. Waarschijnlijk hebben mensen met atopisch eczeem ook mutaties in andere genen die ook andere huidbarrière eiwitten aanmaken, maar dit wordt momenteel nog onderzocht. Verder zijn er aanwijzingen dat dit defect in de huidbarrière een ontstekingsreactie uitlokt bij eczeem, wat de klachten van roodheid, zwelling en jeuk kan verklaren. Het afweersysteem probeert hiermee het defect in de huid dus op te lossen maar veroorzaakt tegelijkertijd juist meer problemen voor de persoon met eczeem.