Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Puistjes op de kin en kaaklijn zijn meestal te wijten aan hormonale acne. Lees alles over de oorzaken en hoe het te voorkomen en verminderen.
Puistjes op de kin en kaaklijn zijn meestal te wijten aan hormonale acne. Puistjes die opspelen onder invloed van hormonen tijdens de puberteit, menstruatie, zwangerschap en de overgang. Daarnaast kunnen chronische aandoeningen zoals endometriose en polycysteus-ovariumsyndroom (of PCOS), de hormonen ook negatief beïnvloeden.
Vaak komen puistjes op de kin door onderhuidse ontstekingen: die zijn dan extra gevoelig en pijnlijk. Liefst knijp je ze niet uit. Stress-puistjes, die ontstaan door het stress-hormoon cortisol, verschijnen ook vaak op de kin.
Het verschil is eigenlijk heel simpel: acne is een huidaandoening waar sommige mensen langdurig last van kunnen hebben, het speelt keer op keer op. Puistjes (maar ook andere onzuiverheden zoals mee-eters) zijn een symptoom van acne, maar dat betekent nog niet dat je ook daadwerkelijk acne hebt.
Wie serieus bezig is met sporten, past zijn voedingspatroon op zijn sportieve doelen aan. Drink genoeg water, krijg voldoende vitamines en mineralen binnen en eet genoeg eiwitten, zo luiden de adviezen. Om genoeg eiwitten binnen te krijgen, nemen veel sporters eiwitshakes, al heeft eiwitpoeder niet enkel voordelen. Zo zou je er puistjes van krijgen. We zochten uit wat de wetenschap daarover zegt.
Er zijn veel verschillende soorten eiwitpoeder. Zo kun je bijvoorbeeld gaan voor proteïne gewonnen uit soja, rijst of erwten. Toch blijft er één soort veruit het populairst: whey protein.
Ondanks dat puistjes op de neus heel vervelend zijn, is de getroffen plek wel te verklaren. De neus bevindt zich namelijk in de zogenaamde T-zone van het gezicht. Dit gebied loopt van de kin via de neus naar het voorhoofd, een denkbeeldige T-vorm. De T-zone omvat de relatief vette gedeelten van het gezicht. De vette huid van deze gedeelten worden veroorzaakt door een groot aantal actieve talgkliertjes. Door de verhoogde talgproductie is er hier dan ook een verhoogde kans op de aanwezigheid van puistjes. Poriën raken immers eerder verstopt door overtollig talg.
Naast de verhoogde talgproductie worden er nog andere oorzaken in verband gebracht met het ontstaan van puistjes op de neus. Vanuit de Chinese geneeskunde wordt namelijk gezegd dat de plek waar puistjes ontstaan, verband houdt met bepaalde lichamelijke problemen. Puistjes op de neus zouden ontstaan door een verhoogde bloeddruk of een tekort aan vitaminen.
De exacte oorzaak van acne is nog steeds niet helemaal opgehelderd. Bekend is dat verschillende factoren samen bijdragen aan het ontstaan van puistjes op de huid. Zo is er onder meer sprake van een abnormale verhoorning van de bovenste huidcellen, van een verhoogde talgproductie en een ontstekingsreactie door de aanwezigheid van de bacteriën. Maar in welke mate deze factoren daadwerkelijk de uitbraak van puistjes beïnvloeden, is niet helemaal duidelijk.
Inmiddels zijn betere en krachtige technieken beschikbaar gekomen om weer wat verder te kunnen inzoomen op de vele miljoenen darmbewoners, en de eventuele verschillen hiertussen bij mensen. De Chinese onderzoeksgroep maakte gebruik van zogenaamde ‘high-throughput sequencing technology’. Ofwel van computertechnologie met een immense verwerkingscapaciteit, waarmee aan de hand van bepaalde dna-sequenties bacteriën in ontlastingmonsters kunnen worden geanalyseerd.
Voor het onderzoek werden hiervoor 31 jonge mensen met milde tot ernstige acneklachten vergeleken met een even zo grote vergelijkbare controlegroep. Het betrof 23 vrouwen en 8 mannen, in de leeftijd van 17 tot 35 jaar, met een gemiddelde leeftijd van 22.16 jaar, allen woonachtig in Beijing. De deelnemers werden ‘gerekruteerd’ via de dermatologische klinieken van het ziekenhuis van de Peking University.
De onderzoekers zagen in de poepmonsters van beide groepen een duidelijk verschil in de aanwezige typen micro-organismen. Zo vonden ze bij de acne-groep minder schimmelachtige ‘beestjes’ (actinobacteriën), en juist méér proteobacteriën (tot deze familie behoren ook de vaak ziekmakende soorten). Verder zagen ze een lagere aanwezigheid van bepaalde ‘goede bacteriesoorten’ zoals van de Bifidobacterium, Butyricicoccus, Coprobacillus, Lactobacillus en Allobaculum.