Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
De huisarts neemt niet altijd zelf een biopt. Soms verwijst de huisarts u meteen door naar de dermatoloog, zonder zelf eerst het plekje te laten onderzoeken.
Een basaalcelcarcinoom kan door de huisarts of de dermatoloog bijna altijd helemaal verwijderd worden. Het behandelen van een basaalcelcarcinoom is belangrijk, want het kan dieper in de huid groeien, waardoor het spierweefsel, kraakbeen of zelfs bot kan beschadigen. De kans op genezing is groot.Er zijn verschillende behandelopties voor basaalcelcarcinomen.
De meest voorkomende behandeling van een basaalcelcarcinoom is een operatie. De huisarts of de dermatoloog snijdt dan, onder een lokale verdoving, het plekje weg. Er wordt dan ook een randje van de gezonde huid meegenomen. Vervolgens onderzoekt een patholoog dit stukje huid weer en kijkt of er nog kanker in de snijrand zit. Is dit het geval en zijn er nog kankercellen zichtbaar in dit randje van de ‘gezonde huid’, dan is er nog een tweede operatie nodig waarbij een extra randje weggesneden wordt door de arts.
Zit het basaalcelcarcinoom in het gezicht of op het hoofd, dan kan worden gekozen voor mohs-chirurgie. Dit is een operatietechniek, wederom onder lokale verdoving, waarbij de arts het plekje krap weghaalt en zo min mogelijk gezonde huid wegsnijdt. Vervolgens wordt dit weefsel meteen onder de microscoop onderzocht.
Wanneer de kanker nog niet helemaal weg is, snijdt de arts weer een extra randje huid weg. Dit wordt ook weer meteen onderzocht. Zo gaat de arts verder tot er geen kankercellen meer worden gevonden onder de microscoop. Op deze manier blijft de wond zo klein mogelijk en wordt er zo min mogelijk gezonde huid weggehaald.
Is een operatie niet mogelijk of zal dit ontsierende, lelijke littekens opleveren, dan kan bestraling een behandeloptie zijn. Dit kan bijvoorbeeld overwogen worden bij plekjes in het gezicht en rond of op het oor. Bestraling kan ook gebruikt worden wanneer het plekje tijdens de operatie niet volledig kon worden verwijderd.
Juli 2021 stuurde Paul Blokhuis, de toenmalige demissionaire staatsecretaris van VWS een brief naar de Tweede Kamer, met daarin een reactie op zowel het Nationaal Actieplan Huidkanker als de Motie Diertens.
Wat betreft de voorlichtingscampagne kondigde de staatssecretaris aan allereerst het RIVM te vragen “om met een literatuuronderzoek te achterhalen hoe een effectieve campagne vormgegeven kan worden. Met de resultaten van dit onderzoek zal naar verwachting in het voorjaar 2022 een voorlichtingscampagne over UV uitgerold worden”.
De staatssecretaris was het eens met de door het NAH gesuggereerde inzet van de leefomgeving om zonveilig gedrag te bevorderen, bijvoorbeeld door het creëren van meer schaduwplekken bij recreatieplekken zoals parken, speeltuinen, pleinen en sportvelden. Blokhuis verwees daarbij naar het door RIVM en ZonMw in te richten Programma Gezonde Groene Leefomgeving dat hier op in zou gaan.
Bij het debat leefstijlpreventie (Tweede Kamercommissie VWS, maart 2022) informeerde Rudmer Heerema (VVD) bij de inmiddels nieuwe staatssecretaris Maarten van Rooijen naar de stand van zaken wat betreft de door zijn voorganger Blokhuis toegezegde campagne. Van Rooijen verwachtte binnen enkele weken het op het eerder genoemde literatuuronderzoek gebaseerde advies van het RIVM, en zegde toe deze daarna te vertalen naar concrete plannen, inclusief de financiële kant daarvan. Het betreffende advies verscheen uiteindelijk juni 2022. Inmiddels heeft VWS voor 2023 t/m 2025 ook middelen begroot voor de uitvoering daarvan.
Bij hetzelfde debat verzocht Heerema de staatssecretaris ook om in de actuele discussies over de bijdrage van sport en bewegen aan een gezonde leefstijl expliciet aandacht te besteden aan huidkankerpreventie. De staatssecretaris beloofde het onderwerp te betrekken bij de, naar analogie van de werkwijze bij de totstandkoming van het Nationaal Preventieakkoord, in te richten ‘tafels’ sport en bewegen.
Via de Doktr-app spreek je snel met een erkende huisarts via video, zonder afspraak. De huisartsen kunnen je helpen met begeleiding en beoordeling van de symptomen. Indien nodig kunnen ze je doorverwijzen voor verder onderzoek en eventuele behandeling.
Als het vermoeden bestaat dat de kanker is uitgezaaid, wordt meestal een operatie uitgevoerd om de tumor te verwijderen. Meer onderzoeken en soms meer operaties kunnen nodig zijn om ervoor te zorgen dat er geen kanker achterblijft.
Hieronder volgen enkele voorbeelden van dergelijke onderzoeken en operaties:
Op grond van onderstaande kenmerken van het basaalcelcarcinoom adviseert uw arts u over de behandeling:
In de meeste gevallen zal een basaalcelcarcinoom onder plaatselijke verdoving operatief worden verwijderd. Andere behandelmogelijkheden zijn celdodende zalven (5-FU creme, Imiquimod), vloeibare stikstof, photodynamische therapie (PDT) en bestraling (radiotherapie). Uw dermatoloog kan uitleggen wat de voor- en nadelen zijn van de verschillende behandelingen. Bij de behandeling wordt gestreefd naar een optimaal cosmetisch resultaat en het behouden van de functie.
Hoe een melanoom behandeld wordt, hangt van veel dingen af. De dermatoloog zal altijd proberen het melanoom te verwijderen. Als er uitzaaiingen zijn, volgen aanvullende behandelingen. De dermatoloog bespreekt wat de mogelijkheden zijn.
De volgende behandelingen zijn er voor een melanoom:
De behandeling van melanoom begint met een operatie. De dermatoloog verwijdert het melanoom om het in het laboratorium te laten onderzoeken door de patholoog.
Als het plekje inderdaad een melanoom is, volgt een tweede operatie. De dermatoloog verwijdert dan het litteken en een randje gezonde huid daaromheen. Het stukje huid gaat voor onderzoek weer naar de patholoog.
Sommige uitzaaiingen van een melanoom zijn met een operatie te verwijderen. Of dit mogelijk is, hangt af van de plek van de uitzaaiingen en hoeveel het er zijn.
Grote melanomen in een arm of been die niet te verwijderen zijn, kunnen soms met medicijnen behandeld worden. Het been of de arm krijgt dan een hoge dosis chemotherapie samen met doelgerichte therapie. Bij deze behandeling komen de medicijnen niet verder in het lichaam. De naam voor deze behandeling is ledemaatperfusie.
Bij een ledemaatperfusie worden de bloedvaten in het been of de arm afgesloten van de andere bloedvaten in het lichaam. Dit is nodig omdat er geen bloed vanuit het been of de arm ergens anders in het lichaam mag komen. Voor deze behandeling is een hart- longmachine nodig die een deel van de bloedsomloop overneemt. De arts legt verder uit hoe de behandeling precies werkt.
Ongeveer de helft van de mensen met een uitgezaaid melanoom blijkt een verandering (mutatie) in het BRAF-gen te hebben. Zij kunnen in aanmerking komen voor doelgerichte therapie. Deze behandeling wordt niet in elk ziekenhuis gegeven.
Soms is een behandeling mogelijk met immunotherapie. Bij immunotherapie zorgen de medicijnen ervoor dat het afweersysteem de tumor beter kan aanvallen. Deze behandeling wordt niet in elk ziekenhuis gegeven.