Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
De behandeling begint altijd met het verwijderen van het melanoom. Daarna wordt het litteken van de eerdere excisie samen met een deel van het omliggende, gezonde weefsel verwijderd.
De hoeveelheid huid die er moet worden verwijderd kan variëren van 0,5 tot 2 millimeter. Hoe dikker het melanoom, hoe meer gezonde huid de arts weghaalt. Deze zogenoemde re-excisie (opnieuw een verwijdering van een stukje weefsel) of definitieve excisie vindt meestal plaats onder plaatselijke verdoving. Soms onder algehele narcose, met name als er een 'huidplastiek' nodig is of wanneer de chirurg een schildwachtklieronderzoek doet. De patholoog onderzoekt (wederom) onder de microscoop of er in het weefsel restanten van het melanoom aanwezig zijn.
De huid is het grootste orgaan van het menselijk lichaam met verschillende functies:
De huid is opgebouwd uit drie lagen. Van buiten naar binnen zijn dat:
De twee belangrijkste cellen van de opperhuid zijn:
Radiotherapie (bestraling) wordt vaak na een operatie gegeven om eventueel achtergebleven kankercellen te vernietigen, en de kans op terugkeer van een tumor te verminderen. Na een besparende operatie is het standaard om te bestralen. De straling beschadigt het erfelijk materiaal (DNA) in tumorcellen, waardoor er celdood optreedt.
In het algemeen zijn de vooruitzichten zeer goed, afhankelijk van de localisatie. Als het plaveiselcelcarcinoom volledig is verwijderd zullen naderhand vrijwel nooit problemen optreden.
De mogelijkheid bestaat echter dat het plaveiselcelcarcinoom uitzaait naar de lymfeklieren of andere organen. Het risico hiervoor is het hoogst bij grote plaveiselcelcarcinomen die zich bevinden op de oren en de lippen. Als uitzaaiïng is opgetreden zijn de vooruitzichten veel minder gunstig en wordt verwezen naar de oncologisch chirurg of medisch oncoloog. Na de behandeling volgt gewoonlijk een periodieke dermatologische controle gedurende minimaal 5 jaar. Het doel hiervan is een eventuele terugkeer of uitzaaiing naar de lymfeklieren op te sporen en om nieuwe uitingen van huidkanker te ontdekken.
De polikliniek dermatologie bevindt zich op de eerste verdieping van de polikliniek, receptie N.
Afsprakenbalie polikliniek dermatologie (020) 4440 522.
Ma - vrij (8.30-12.00 en 13.30-15.30 uur).
Als er uitzaaiingen zijn die niet meer te verwijderen zijn, kan ook een doelgerichte behandeling (BRAF-, MEK- of c-KIT- remmers) overwogen worden. Om te beoordelen of u in aanmerking komt voor een dergelijke behandeling moet eerst het oorspronkelijke melanoom of een uitzaaiing onderzocht worden op bepaalde eigenschappen (mutaties). Deze doelgerichte behandeling is in tabletvorm en moet dagelijks ingenomen worden. Deze therapie wordt gegeven door de medisch oncoloog in samenwerking met een dermatoloog.
Immunotherapie bestaat uit antistoffen (ipilimumab) die via een infuus toegediend worden. Deze antistoffen kunnen de afweer tegen het melanoom versterken. Omdat de immunotherapie soms pas na een aantal maanden effect kan hebben, wordt in het algemeen na ongeveer 3 maanden de werkzaamheid beoordeeld. Als de behandeling een gunstig effect blijkt te hebben, dan kan dit positieve effect zeer lang aanhouden. Deze behandeling wordt gegeven door de medisch oncoloog.
Ongeveer de helft van alle mannen boven 45 jaar en een derde van de vrouwen boven de 45 jaar heeft tenminste één actinische keratose. Dat komt neer op ongeveer 1,4 miljoen Nederlanders. Het komt dus erg vaak voor. Dit komt onder andere door veranderende vrijetijdsbesteding, zonnebanken en zonvakanties. Actinische keratose komt vaker voor bij mensen met een blank huidtype (blond haar en blauwe ogen).
Ongeveer 10% van de patiënten met actinische keratosen ontwikkelt een huidkanker, meestal het plaveiselcelcarcinoom. De kans dat iemand een plaveiselcelcarcinoom krijgt is afhankelijk van de hoeveelheid actinische keratosen. Dit is ongeveer 1% als iemand minder dan vijf actinische keratosen heeft, tot 20% als iemand meer dan twintig actinische keratosen heeft.