Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Uit de kankerregistratie blijkt een verbluffende stijging van het aantal gevallen van huidkanker. Er zijn 70.000 nieuwe patiënten met huidkanker per jaar, dat bracht IKNL eind 2019 in het rapport ‘Huidkankerzorg in Nederland’. Wat is er nodig om de stijging te keren en hoe wordt daaraan gewerkt? Een dubbelinterview met Arno Rutte, voorzitter Stuurgroep Huidkankerzorg Nederland en Eline Kramer, directeur NVDV.
‘De cijfers uit de kankerregistratie hebben de onderbouwing gegeven om de krachten te bundelen’, zegt Arno Rutte, voorzitter van de stuurgroep. ‘Zonder accurate cijfers begin je niks’, vult Eline Kramer aan, directeur van de Nederlandse Vereniging van Dermatologen (NVDV). ‘Het IKNL-Rapport Huidkanker in Nederland gaf voor het eerst de aantallen diagnoses. Daarmee is veel in gang gezet. Inmiddels hebben we met de Stuurgroep Huidkankerzorg Nederland het Nationaal Actieplan Huidkanker gelanceerd met als doel om preventie in te bedden in al het beleid.’
Kramer vervolgt: ‘Voordat het rapport verscheen waren de cijfers altijd een schatting. Dermatologen wisten allang dat huidkanker een snelgroeiend probleem is, we zien elk jaar fors meer patiënten op de poliklinieken. Maar dat was niet objectief te staven. Het IKNL-rapport was de basis omdat het de daadwerkelijke cijfers bracht. Het rapport heeft daarmee enorm geholpen om het probleem in kaart te brengen. Het is een startsein geweest voor partijen om met elkaar in gesprek te gaan over betere zorg en preventie. Want dermatologen en onderzoekers alleen kunnen dit probleem niet oplossen’
Immuuntherapie vóór een operatie bij patiënten met uitgezaaide huidkanker blijkt bijzonder goed te werken. Negenvijftig procent van de patiënten reageert zo goed op deze vorm van behandelen dat er geen nabehandeling meer nodig is. Dit blijkt uit de resultaten van de NADINA-studie die vandaag gepresenteerd worden in Chicago.
De NADINA-studie, geleid door onderzoekers van het Antoni van Leeuwenhoek, is eerder dit jaar aangewezen door het wetenschappelijke vakblad Nature Medicine als een van de elf klinische studies die een grote impact gaan hebben op de geneeskunde in 2024. Die verwachting maakt de studie nu meer dan waar. Dat blijkt uit de resultaten die internist-oncoloog en onderzoeksleider Christian Blank vandaag presenteert op het hoogste podium (plenaire sessie) tijdens ASCO 2024, het internationale congres van de American Society of Clinical Oncology in Chicago. Tegelijkertijd worden de resultaten ook gepubliceerd in het toonaangevende New England Journal of Medicine (NEJM).
Bij 59% van de patiënten die immuuntherapie vóór de operatie kregen, was de tumor bijna compleet of volledig verdwenen, waardoor geen aanvullende behandeling nodig was.
Christian Blank Internist-oncoloog en Onderzoeksleider
Dergelijke programma’s zijn de afgelopen jaren ook op het gebied van huidkankerzorg benut voor kennisontwikkeling op basis van lokale of regionale initiatieven. De Stuurgroep constateert, niet als enige, dat het helaas vaak daarna stokt bij de benodigde randvoorwaarden om zo opgedane kennis ook landelijk te implementeren. Het ‘systeem’ (o.a. bekostiging, wet- en regelgeving, standaarden, ICT) werkt niet altijd mee om te kunnen komen van succesvolle innovatie-pilots tot alom “merkbare impact in de spreekkamer en het leven van mensen”, in dit geval mensen met huidkanker.
Een voorbeeld van een inspanning om – in het kader van het Citrienfonds programma Doen of laten? – te komen van een eerst in pilot vorm ontwikkelde best practice tot landelijke implementatie is het project ‘gepersonaliseerde patiëntenbrief na de behandeling van laag-risico basaalcelcarcinoom’. Voorafgaand onderzoek toont aan dat het implementeren van de brief de patienttevredenheid verhoogt en het aantal onnodige vervolgconsulten verlaagt.
Mogelijk past een soortgelijke aanpak ook bij de nog lopende onderzoeksvraag, die hoog staat op de ‘Kennisagenda dermatologie 2019’, naar het nut van de behandeling van patienten met actinische keratosen ter preventie van plaveiselcelcarcinoom. Een subsidieaanvraag hiervoor werd echter door ZonMw als ‘zeer goed’ beoordeeld en toch afgewezen omdat het onderwerp slechts ‘relevant’ in plaats van ‘zeer relevant’ zou zijn.
Kramer: ‘Daarom volgen we de cijfers van IKNL op de voet, het aantal diagnoses wordt nauwlettend gemonitord. We hebben 2019 als startpunt, toen waren er 70.000 huidkankerdiagnoses. We hopen dat we volgend jaar een grootschalige preventiecampagne met VWS kunnen starten. Tuurlijk kan het jaren duren voordat je de effecten daarvan kunt zien. Elk jaar neemt het aantal huidkankerdiagnoses met 5% toe, hoe lang duurt het om dat tij te keren? Voor het antwoord op die vraag kijken we naar IKNL. En daarvoor is het belangrijk dat IKNL rapportages uit blijft brengen met lijn der verwachting, om te kijken wanneer het lukt om onder die lijn te duiken.’
Afgelopen april heeft de Stuurgroep Huidkankerzorg Nederland het Nationaal Actieplan Huidkanker gepresenteerd aan een aantal nieuwe leden van de vaste Kamercommissie voor VWS met als doel om huidkankerpreventie in te bedden in al het relevante beleid. De vaste Kamercommissie voor VWS heeft aan staatssecretaris Blokhuis een kabinetsreactie op het actieplan gevraagd. Op basis daarvan zal het ministerie van VWS kijken wat er al gebeurt aan preventie van huidkanker en het stroomlijnen van huidkankerzorg en wat ze aanvullend daarop over nemen van het advies. Rutte: ‘We hopen natuurlijk ook dat Kamerleden vaker op huidkanker terugkomen of er bijvoorbeeld door het organiseren van een ronde tafel in de Tweede Kamer ruim aandacht voor vragen. Dat hangt af van hoe belangrijk ze het vinden. Aan ons als stuurgroep is het nu om het vuurtje brandende te houden.’
Rutte: ‘Er wordt vaak gesproken over problemen waar veel minder grip op te krijgen is. Voor preventie van huidkanker is er handelingsperspectief. We kunnen heel veel ellende voorkomen. Daarom is ons advies aan VWS om de stappen uit het actieplan nu te zetten, zoals zonnebrand breed beschikbaar maken op alle relevate lokaties, regelgeving rondom zonnebanken aanscherpen en meer schaduwplekken creëren, bijvoorbeeld op schoolpleinen. Ook voor het milieu en het voorkomen van hittestress is het nodig om te vergroenen, dat is een logische tendens om op aan te haken. Deze missie valt uiteen in kleine tastbare stappen. Het is een positief verhaal dat groeit en groter wordt. De eerste stappen zijn er al en eigenlijk kan iedereen hieraan bijdragen. Zo heeft de Nederlandse golffederatie nu afgesproken om overal zonnebrand te verstrekken. Dat is een buitensport en veel golfen brengt dus risico mee. Mooi dat zij preventie al in de praktijk hebben gebracht. Wie volgt?’