Blog

Wat U Moet Weten Over Nodulair Melanoom - Symptomen, Diagnose en Behandeling

Behandeling

Een plek die verdacht is voor melanoom, ongeacht het type, zal altijd ruim chirurgisch worden verwijderd en daarna worden onderzocht door een patholoog. Indien er bevestigd wordt door de patholoog dat het om een melanoom gaat, dan zal er nog een tweede verwijdering gedaan worden, die ruimer is dan de eerste en vaak ook dieper (afhankelijk van de grootte en dikte die de patholoog heeft gemeten). Er zal door de arts gevoeld worden of er vergrote lymfeklieren in de buurt van de plek zijn, eventueel kan hier uitgebreider onderzoek naar worden gedaan. Indien het melanoom uitgezaaid is, zullen er meerdere artsen (bijvoorbeeld een oncologisch internist) worden betrokken bij het verdere behandel plan.

Bij sommige melanomen zal periodiek controle van de huid plaatsvinden door een dermatoloog. De dermatoloog bekijkt het litteken van de verwijderde plek en inspecteert of er ergens anders nieuwe plekken zijn ontstaan of bestaande moedervlekken onrustig zijn geworden. Daarnaast wordt altijd naar de lymfeklieren gevoeld.

Inleiding

Huidkanker is een steeds groter wordend probleem in de westerse wereld. De prevalentie blijft stijgen en daarmee legt de aandoening een toenemend beslag op de capaciteit van de gezondheidszorg.

De twee belangrijkste vormen van huidkanker zijn het melanoom (ongeveer 20%) en niet-melanocytaire huidkanker (ongeveer 80%). Daarnaast is er nog een kleine restgroep met zeldzame vormen van huidkanker, zoals lymfomen, talgkliercarcinomen en merkelcelcarcinomen. In een eerder artikel hebben wij de verschillende soorten niet-melanocytaire huidkanker behandeld,1 in dit artikel bespreken wij de melanomen, maligne tumoren die ontstaan uit melanocyten. Melanomen zijn agressieve tumoren, die de neiging hebben tot metastaseren.

We zullen ons in dit artikel met name richten op de klinische aspecten van het voorstadium, de atypische naevus, en de verschillende typen melanomen. Daarnaast komen het aanvullend onderzoek, de prognose en de behandeling aan de orde. Dit artikel is in belangrijke mate gebaseerd op de vernieuwde landelijke richtlijn Melanoom van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), die in 2012 verschenen is.2

Onderzoeken

Als de huisarts het plekje op de huid niet vertrouwt, geeft hij of zij een verwijzing naar een dermatoloog. Een dermatoloog is een huidarts.

Verwijderen van het melanoom

Het onderzoek naar een melanoom begint eigenlijk altijd met het weghalen van het plekje. De dermatoloog verwijdert het plekje en snijdt eromheen ook een extra randje gezonde huid weg.

Onderzoeken om uitzaaiingen op te sporen:

Schildwachtklierprocedure

Een melanoom kan uitzaaien. Dat gebeurt als er kankercellen losraken van het melanoom. De uitzaaiingen komen het eerst in de lymfeklieren in de buurt van het plekje. Die klier heet de schildwachtklier.

Tijdens het onderzoek verwijdert de arts de schildwachtklier om hem verder te kunnen onderzoeken. In het laboratorium kijkt de patholoog of er uitzaaiingen in de klier zitten.

Echo

Zijn er lymfeklieren gevonden die vergroot zijn? Dan gebruikt de arts een echo om te kijken of er uitzaaiingen in lymfeklieren zitten.

Een echografie is een onderzoek met geluidsgolven. Deze golven hoor je niet. De weerkaatsing (echo) van de golven maakt organen en weefsels zichtbaar op een beeldscherm. Zo kan de arts de organen in het lichaam bekijken en een mogelijke tumor en/of uitzaaiingen zien.

Tijdens het onderzoek smeert de arts of echolaborant gel op de huid. Hij of zij beweegt een klein apparaatje over de huid dat de geluidsgolven uitzendt.

Punctie

Bij een punctie haalt de arts vocht uit de lymfeklieren weg om te onderzoeken op uitzaaiingen. Dat gebeurt met een dunne, holle naald. Een patholoog onderzoekt het vocht onder de microscoop.

Soms maakt de arts ook gebruik van echografie of een scan. Zo kan de arts precies zien wat hij of zij doet.

CT-scan

Als er een kans is dat het melanoom is uitgezaaid, kan de arts een CT-scan aanvragen. Op een CT-scan zijn organen en weefsels heel precies te zien. Het scan-apparaat maakt gebruik van röntgenstraling en een computer.

Hoe wordt het melanoom behandeld?

Behandeling (1) – operatieve verwijdering

Wanneer de huisarts vermoedt dat er sprake is van een melanoom zal hij de patient in de regel doorverwijzen naar de dermatoloog. De dermatoloog beoordeelt de verdachte afwijking met het blote oog en vaak ook met een speciaal microscoopje dat op de huid kan worden geplaatst (de ‘dermatoscoop’). Wanneer de dermatoloog een melanoom vermoedt zal hij de verdachte plek operatief verwijderen met een marge van enkele millimeters.

Het verwijderde stukje huid zal door de patholoog worden onderzocht. Als het inderdaad blijkt te gaan om een melanoom zal de patholoog de dikte van het melanoom meten (‘ Breslow-dikte ’). Uit vele onderzoeken is gebleken dat de dikte van het melanoom de belangrijkste voorspellende factor is voor de prognose: hoe dunner het melanoom hoe beter de overlevingskansen.

Behandeling (2) – operatieve verwijdering litteken

Zodra de dikte van het melanoom bekend is wordt het verdere beleid uitgestippeld.
Bij melanomen dunner dan 2 millimeter wordt het oorspronkelijk litteken opnieuw verwijderd, doorgaans met een marge van 1 centimeter gemeten tot aan de rand van het oorspronkelijke melanoom. In veel gevallen wordt dan ook de poortwachtersklierprocedure uitgevoerd (zie hieronder).
Bij dikkere melanomen (dikker dan 2 millimeter) wordt het litteken met een grotere marge (meestal 2 cm) operatief verwijderd. Ook hier zal meestal geadviseerd worden de poortwachtersklier procedure uit te voeren.

Behandeling (3) – lymfeklieronderzoek en poortwachtersklierprocedure

Wanneer het een melanoom betreft dat 0,8 mm dik of dikker is en er worden geen verdikte lymfeklieren gevoeld, wordt vaak toch via een speciale techniek onderzocht of er uitzaaiingen hebben plaatsgevonden. Dit heet de poortwachtersklier-procedure . Met dit onderzoek kan de lymfeklier worden opgezocht die het meest waarschijnlijk als eerste aangedaan zou zijn bij uitzaaiing.

Symptomen

Wanneer melanoom ontstaat vanuit een moedervlek zal deze meestal veranderen in kleur, vorm of grootte. De moedervlek kan gaan jeuken of spontaan gaan bloeden. Melanoom kan ook spontaan ontstaan, zonder dat er eerst een moedervlek heeft gezeten. Veranderingen van je eigen huid die kunnen wijzen op melanoom zijn te onthouden via de ABCDE methode:

A– Asymmetry: de ene helft van een moedervlek hoort te lijken op de andere helft.

B– Border (rand): de rand is onregelmatig of vaag.

C– Color (kleur): de kleur verandert of de plek heeft verschillende kleuren.

D– Diameter: de plek groeit of is erg groot.

E– Evolution (verandering): de plek verandert snel.

Bron schema: HUID&haar (mei 2013), Frans Meulenberg. Foto’s: UMCG (prof. dr. M.F. Jonkman), LUMC (prof. dr. W. Bergman).

Er zijn verschillende soorten melanomen, afhankelijk van de plek, groeiwijze en het soort pigmentatie.

Oppervlakkig spreidend melanoom (SSM, Engels: superficial spreading melanoma)

Dit is het meest voorkomende type melanoom. Het oppervlakkig spreidend melanoom groeit langzaam en alleen oppervlakkig in de bovenste huidlaag. Een verdachte plek wordt bij voorkeur zo vroeg mogelijk verwijderd om de kans op diepere ingroei en uitzaaiingen te verkleinen.

Nodulair melanoom (NM)

Het nodulair melanoom wordt ook wel gezien als een latere fase van het SSM, waarbij het behalve oppervlakkig ook dieper gaat groeien door meerdere huidlagen heen. Dit type groeit sneller dus is veel agressiever en minder gunstig.

Lentigo Maligna melanoom (LMM)

Een lentigo maligna melanoom ontstaat vanuit een lentigo maligna, die vrijwel alleen in de bovenste huidlaag in het gezicht voorkomt. Zodra LM verder de diepte in gaat groeien (dit gebeurt bij ongeveer 5%) heet het een melanoom (LMM). De plek groeit langzaam, maar zaait wel snel uit en moet daarom ook snel herkend en behandeld worden.

Voor 16:00 besteld: dezelfde dag verzonden
Gratis verzending vanaf € 75
Klantenservice met jaren ervaring
Gratis sample bij je bestelling!