Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
De ziekte van Lyme wordt veroorzaakt door een bacterie.
Deze kun je oplopen door een tekenbeet.
Ongeveer 1 op de 5 teken draagt de lymebacterie bij zich.
De bacterie wordt niet bij elke tekenbeet overgedragen.
Heb je de ziekte van Lyme, dan kun je last krijgen van een vlek of kring rondom de plek van de tekenbeet.
Andere mogelijke verschijnselen zijn koorts en eventueel spier- en gewrichtspijn.
Op lange termijn krijg je soms andere huidklachten, zenuwklachten, gewrichtsklachten of hartklachten.
De ziekte van Lyme wordt behandeld met antibiotica.
Door zo snel mogelijk te behandelen verklein je de kans op langdurige klachten.
Heb je gezondheidsklachten en ben je de afgelopen 3 maanden gebeten door een teek?
Bespreek dit dan met je arts.
Meer weten?
Ga naar www.rivm.nl/lyme
Het ziektebeeld van de ziekte van Lyme is wisselend. Niet iedereen krijgt dezelfde klachten. De ziekte van Lyme kan zich uiten in de volgende klachten:
Verschillende vormen van de huiduitslag bij besmetting met de Lymebacterie. De huiduitslag kan er uit zien als een ring, maar ook als een egaal gekleurde vlek.
De ziekte van Lyme is te behandelen met antibiotica. Hoe eerder de ziekte wordt opgemerkt, hoe beter de behandeling zal aanslaan. Het is daarom belangrijk dat u aan uw huisarts meldt dat u door een teek gebeten bent als u binnen 3 maanden na de beet gezondheidsklachten krijgt.
De behandeling kan per patiënt met de ziekte van Lyme verschillen. Om te bepalen welke behandeling wanneer gepast is, werd in 2013 een landelijke richtlijn geschreven ( CBO -richtlijn Lymeziekte). Meer informatie voor huisartsen
Behandeling zal in eerste instantie door de huisarts gebeuren. Als klachten blijven bestaan na behandeling met antibiotica, of er ontstaan nieuwe klachten ondanks behandeling met antibiotica, kan de huisarts de patiënt doorverwijzen naar een gespecialiseerd ziekenhuis.
Hoewel hidradenitis suppurativa moeilijk te behandelen en ongeneeslijk is, zijn er effectieve interventies om de aandoening onder controle te houden en de symptomen te verminderen. De behandeling varieert afhankelijk van het stadium van de ziekte. Vaak is een combinatie van behandelingen nodig. Zelfs als een behandeling effectief blijkt, is er een grote kans dat de ziekte terugkomt, op dezelfde plaats of in een ander gebied. In het geval van een milde vorm kan de ziekte vanzelf verdwijnen, zelfs na enkele jaren. Bij veel vrouwen verdwijnen de symptomen na de menopauze. In zeer zeldzame gevallen kan de ziekte van Verneuil echter ook na de menopauze optreden. Bij mannen met de ziekte van Verneuil kan de ontsteking op latere leeftijd ook afnemen.
Een abces dat onder druk staat en pijn veroorzaakt, kan worden doorgeprikt. Met een scalpel maakt de arts of dermatoloog een klein sneetje in de zwelling, waardoor de pus weg kan lopen.
Een alternatieve methode is om het abces met een grote naald aan te prikken en met een injectiespuit af te tappen. Een oplossing op basis van corticosteroïden kan ook via dezelfde naald in de holte worden geïnjecteerd. Dit zal de ontsteking afremmen.
Deze procedure verwijdert de pus en verzacht de pijn, maar de ontsteking komt (bijna) altijd binnen drie maanden terug. Je moet dan terug naar de specialist om te kijken of een uitgebreidere operatie nodig is.
Deze techniek wordt gebruikt wanneer er holtes en/of onderhuidse banen zijn die voortdurend ontstekingen veroorzaken.
In een rustige fase, wanneer er weinig ontsteking is (of wanneer de ontsteking onder controle is gebracht door tijdelijk gebruik van antibiotica), kan het weefsel boven de aangetaste holtes en onderhuidse banen worden verwijderd.
HS wordt niet veroorzaakt door slechte hygiene, maar een goede hygiëne is wel belangrijk om erger te voorkomen.
Scheren en harsen: Soms is het raadzaam om te stoppen met het ontharen van de oksels en de liezen (bikinilijn). Er is echter geen duidelijk verband tussen ontharen of scheren en hidradenitis, hoewel sommige patiënten een grotere gevoeligheid voor ontstekingen ervaren. Bespreek dit met je dermatoloog.
Roken: Het is belangrijk om te stoppen met roken, omdat dit de ernst van de laesies vermindert en nieuwe laesies helpt voorkomen.
Bij verdenking op de ziekte van Lyme kan laboratoriumonderzoek worden verricht. In het bloed wordt onderzocht of er antistoffen tegen de borrelia bacterie aanwezig zijn. Helaas heeft dit onderzoek beperkingen. Afhankelijk van het moment van onderzoek worden gemiddeld bij slechts 50% van de geïnfecteerde personen ook daadwerkelijk antistoffen gevonden. Bij langer bestaande infecties neemt de kans op een positieve test toe. In verband met de beperkte waarde van de test zal uw arts bij klinische verdenking op de ziekte van Lyme altijd overgaan tot behandeling, ongeacht de uitslag van de test. Meestal echter zal de uitslag niet worden afgewacht en wordt direct een behandeling voorgeschreven.
De huidafwijkingen van de ziekte van Lyme zijn goed te behandelen met antibiotica. Voor volwassenen is doxycycline het middel van voorkeur. Bij kinderen is dat amoxicilline. De duur van de behandeling is afhankelijk van het stadium waarin de ziekte zich verkeert, maar ligt meestal tussen de 10 en 30 dagen.
De teek begint zijn leven als larve die zich ontwikkelt tot nimf en vervolgens tot volwassen teek. Voor elk stadium in de ontwikkeling heeft de teek een nieuwe gastheer nodig. Wanneer de nimfe of volwassen teek in een eerder stadium bloed heeft gezogen bij een door de bacterie besmette gastheer zal hij besmet worden. Bij een volgend ‘bloedmaal’ bij een nieuwe gastheer kan de Borrelia bacterie worden overgebracht. Na de tekenbeet verplaatst een aantal bacteriën zich van de darm naar de speekselklieren van de teek en komen zo in de huid van de gastheer terecht. Dit proces duurt ongeveer 24 uur. Door zich te binden aan eiwitten in het speeksel van de teek weet de bacterie zich af te schermen tegen het immuunsysteem van de gastheer.
Gedacht wordt dat de nimfen voor de mens de belangrijkste besmettingsbron zijn: De nimfen zijn klein (iets groter dan 1 mm) en de beet is meestal niet pijnlijk, dus de vastgebeten nimf wordt vaak laat ontdekt. Dit is van belang, omdat de kans op overdracht van de bacterie klein is als de teek of de nimf binnen 24 uur wordt verwijderd.
Vaak wordt de tekenbeet niet eens opgemerkt. De helft van alle patiënten met de ziekte van Lyme kan zich niet herinneren door een teek gebeten te zijn..