Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Een positieve PCR-uitslag (de bacterie werd aangetoond) is een ondubbelzinnig bewijs van infectie met Borrelia, mits de testprocedure in alle opzichten in orde is. Fout-positieve resultaten kunnen sporadisch optreden door o.a. een foute keuze van primers of target voor de PCR-reactie, of door verontreiniging in het laboratorium. Dit is helaas niet simpel na te gaan voor de patiënt. PCR is in principe een zeer specifieke en gevoelige test, maar er zijn talloze varianten die ieder zo hun eigen voor- en nadelen hebben en geen van allen zijn degelijk 'bewezen' door gebrek aan onafhankelijk onderzoek.
Een PCR test op een huidbiopt (bij EM, lymfocytoom en ACA) en op gewrichtsvloeistof (bij gewrichtsontsteking) is zeer gevoelig. Bij een PCR test op bloed, urine of lumbaalvocht kan de gevoeligheid een probleem zijn, een negatieve testuitslag zegt dan weinig.
Een nieuwere variant van PCR is PCR-sequencing, waarbij in geval van een positieve uitslag ook nog de exacte code van het gevonden Borrelia DNA bepaald wordt door zogenaamde DNA sequencing. De sequencing maakt de test extra betrouwbaar en kan laten zien om welke Borrelia variant het gaat, wat nuttig kan zijn bij diagnose, prognose en behandeling.
PCR wordt inmiddels gebruikt voor de diagnose van talrijke infectieziekten bij mensen, alleen bij Lyme wordt dit met soms bizarre argumentatie afgeraden… Ook binnen de diergeneeskunde wordt PCR al volop gebruikt, inclusief PCR op bloed of urine voor diagnose van de ziekte van Lyme en diverse andere tekenbeetziekten.
Je leest hier nadere toelichting van de mogelijke symptomen bij de ziekte van Lyme. Er wordt uitgebreid ingegaan op de kenmerken van de manifestaties en de achterliggende ontstekingen die de klachten veroorzaken. Ook wordt een inschatting gegeven van hoe vaak het betreffende symptoom in Nederland voorkomt en als het optreedt, hoe lang dit doorgaans kan zijn na de tekenbeet. Tot slot vind je meer informatie over aanhoudende klachten na een standaardbehandeling.
Kenmerkend voor acute ziekte van Lyme is een uitbreidende rode vlek of ring op de huid binnen 3-4 maanden na de tekenbeet. Op een gekleurde huid kan de vlek of ring er gelig of blauw uitzien.
De vlek of ring wordt in de loop van dagen tot weken steeds groter van enkele tot tientallen centimeters breed en vervaagt dan langzaam, vaak vanuit het midden. Deze huiduitslag wordt een Erythema Migrans (EM) genoemd en ontstaat bij het merendeel van de mensen met de ziekte van Lyme. Het EM kan gepaard gaan met griep-achtige symptomen.
Erythema migrans, rode vlek of ring bij de ziekte van Lyme
In België en Duitsland bestaat de mogelijkheid om de teek – op eigen kosten – te laten onderzoeken op de Borrelia-bacterie (zie ook Wat te doen bij een tekenbeet? en Meer over diverse testen en laboratoria). Helaas doen Nederlandse laboratoria dat sinds Covid niet meer.
Met een positief geteste teek weet je dat je een aanzienlijk risico hebt op de ziekte van Lyme. Dit kan helpen bij de overweging tot preventieve behandeling voor de ziekte van Lyme en later bij eventuele klachten, kan het helpen bij de diagnose.
Desondanks geeft een dergelijke test geen zekerheid:
Veel mensen met de ziekte van Lyme ervaren pijn en vermoeidheid in zowel de vroege als latere stadia van de ziekte, en ook als aanhoudende klachten na behandeling.
Veelvoorkomend zijn: spierpijn, spierzwakte, spierkrampen, stijve en pijnlijke nek, rugpijn, zenuwpijn, hoofdpijnen, gewrichtspijn (zie ook Lyme-artritis), buikpijn, pijn aan de ribben of het borstbeen, een niet uitgerust gevoel bij ontwaken, een vergrote behoefte aan slaap en moeite met in slaap vallen of doorslapen.
Ook ervaren veel patiënten na inspanning een verergering van symptomen of een algeheel beroerd voelen, ook wel post-exertionele malaise (PEM) genoemd.
De spier- en gewrichtsklachten hebben vaak een verspringend en fluctuerend beloop. Vanwege de gelijkenissen kunnen deze symptomen ook verward worden met fibromyalgie. Daarnaast kunnen ook pijnlijke ontstekingen aan spier- en bindweefsel optreden en ontstekingen aan het beenvlies, het vlies dat de botten bekleedt.