Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Via de Doktr-app spreek je snel met een erkende huisarts via video, zonder afspraak. De huisartsen kunnen je helpen met begeleiding en beoordeling van de symptomen. Indien nodig kunnen ze je doorverwijzen voor verder onderzoek en eventuele behandeling.
Als het vermoeden bestaat dat de kanker is uitgezaaid, wordt meestal een operatie uitgevoerd om de tumor te verwijderen. Meer onderzoeken en soms meer operaties kunnen nodig zijn om ervoor te zorgen dat er geen kanker achterblijft.
Hieronder volgen enkele voorbeelden van dergelijke onderzoeken en operaties:
Hoe een melanoom behandeld wordt, hangt van veel dingen af. De dermatoloog zal altijd proberen het melanoom te verwijderen. Als er uitzaaiingen zijn, volgen aanvullende behandelingen. De dermatoloog bespreekt wat de mogelijkheden zijn.
De volgende behandelingen zijn er voor een melanoom:
De behandeling van melanoom begint met een operatie. De dermatoloog verwijdert het melanoom om het in het laboratorium te laten onderzoeken door de patholoog.
Als het plekje inderdaad een melanoom is, volgt een tweede operatie. De dermatoloog verwijdert dan het litteken en een randje gezonde huid daaromheen. Het stukje huid gaat voor onderzoek weer naar de patholoog.
Sommige uitzaaiingen van een melanoom zijn met een operatie te verwijderen. Of dit mogelijk is, hangt af van de plek van de uitzaaiingen en hoeveel het er zijn.
Grote melanomen in een arm of been die niet te verwijderen zijn, kunnen soms met medicijnen behandeld worden. Het been of de arm krijgt dan een hoge dosis chemotherapie samen met doelgerichte therapie. Bij deze behandeling komen de medicijnen niet verder in het lichaam. De naam voor deze behandeling is ledemaatperfusie.
Bij een ledemaatperfusie worden de bloedvaten in het been of de arm afgesloten van de andere bloedvaten in het lichaam. Dit is nodig omdat er geen bloed vanuit het been of de arm ergens anders in het lichaam mag komen. Voor deze behandeling is een hart- longmachine nodig die een deel van de bloedsomloop overneemt. De arts legt verder uit hoe de behandeling precies werkt.
Ongeveer de helft van de mensen met een uitgezaaid melanoom blijkt een verandering (mutatie) in het BRAF-gen te hebben. Zij kunnen in aanmerking komen voor doelgerichte therapie. Deze behandeling wordt niet in elk ziekenhuis gegeven.
Soms is een behandeling mogelijk met immunotherapie. Bij immunotherapie zorgen de medicijnen ervoor dat het afweersysteem de tumor beter kan aanvallen. Deze behandeling wordt niet in elk ziekenhuis gegeven.
Als de huisarts het plekje op de huid niet vertrouwt, geeft hij of zij een verwijzing naar een dermatoloog. Een dermatoloog is een huidarts.
Het onderzoek naar een melanoom begint eigenlijk altijd met het weghalen van het plekje. De dermatoloog verwijdert het plekje en snijdt eromheen ook een extra randje gezonde huid weg.
Onderzoeken om uitzaaiingen op te sporen:
Een melanoom kan uitzaaien. Dat gebeurt als er kankercellen losraken van het melanoom. De uitzaaiingen komen het eerst in de lymfeklieren in de buurt van het plekje. Die klier heet de schildwachtklier.
Tijdens het onderzoek verwijdert de arts de schildwachtklier om hem verder te kunnen onderzoeken. In het laboratorium kijkt de patholoog of er uitzaaiingen in de klier zitten.
Zijn er lymfeklieren gevonden die vergroot zijn? Dan gebruikt de arts een echo om te kijken of er uitzaaiingen in lymfeklieren zitten.
Een echografie is een onderzoek met geluidsgolven. Deze golven hoor je niet. De weerkaatsing (echo) van de golven maakt organen en weefsels zichtbaar op een beeldscherm. Zo kan de arts de organen in het lichaam bekijken en een mogelijke tumor en/of uitzaaiingen zien.
Tijdens het onderzoek smeert de arts of echolaborant gel op de huid. Hij of zij beweegt een klein apparaatje over de huid dat de geluidsgolven uitzendt.
Bij een punctie haalt de arts vocht uit de lymfeklieren weg om te onderzoeken op uitzaaiingen. Dat gebeurt met een dunne, holle naald. Een patholoog onderzoekt het vocht onder de microscoop.
Soms maakt de arts ook gebruik van echografie of een scan. Zo kan de arts precies zien wat hij of zij doet.
Als er een kans is dat het melanoom is uitgezaaid, kan de arts een CT-scan aanvragen. Op een CT-scan zijn organen en weefsels heel precies te zien. Het scan-apparaat maakt gebruik van röntgenstraling en een computer.
Ongeveer de helft van alle mannen boven 45 jaar en een derde van de vrouwen boven de 45 jaar heeft tenminste één actinische keratose. Dat komt neer op ongeveer 1,4 miljoen Nederlanders. Het komt dus erg vaak voor. Dit komt onder andere door veranderende vrijetijdsbesteding, zonnebanken en zonvakanties. Actinische keratose komt vaker voor bij mensen met een blank huidtype (blond haar en blauwe ogen).
Ongeveer 10% van de patiënten met actinische keratosen ontwikkelt een huidkanker, meestal het plaveiselcelcarcinoom. De kans dat iemand een plaveiselcelcarcinoom krijgt is afhankelijk van de hoeveelheid actinische keratosen. Dit is ongeveer 1% als iemand minder dan vijf actinische keratosen heeft, tot 20% als iemand meer dan twintig actinische keratosen heeft.
Er bestaan verschillende vormen van huidkanker. Hieronder vind je de 5 meest voorkomende soorten terug.
De behandeling van kwaadaardige huidtumoren hangt af van de noden van zowel de huidkanker en van het individu. Er zijn een aantal verschillenden behandelopties. Deze worden in een multidisciplinair oncologisch consult besproken waarbij artsen uit verschillende disciplines de juiste behandeling voor de patiënt bespreken. De verschillende behandelingen die gebruikt kunnen worden om een melanoom te verwijderen zijn de volgende:
Bij chirurgie verwijderen ze eerst het melanoom door de tumor en eventueel het stukje huid rond de tumor weg te snijden. Hoeveel ze wegsnijden hangt af van de grootte en dikte van de tumor. Wanneer dit een groot oppervlak is, voeren ze een huidtransplantatie uit omdat de wonde niet dichtgenaaid kan worden.
Wanneer er voor radiotherapie wordt gekozen, bestralen ze het gedeelte van de huid waar de tumor zit. Dit kan ook een opvolgbehandeling zijn na de chirurgische verwijdering van de tumor. Op deze manier worden kwaadaardige cellen vernietigd.
Chemotherapie wordt voornamelijk gebruikt als de tumor vrij dik is omdat dit het risico op uitzaaiingen verhoogt. De chemo remt het ziekteproces af en vermindert de klachten.
Wanneer een melanoom al sterk ontwikkeld is en op de huid van een arm of een been voorkomt, kan worden beslist om een zeer intensieve behandeling te gebruiken. Geïsoleerde ledemaatperfusie is een behandeling waarbij de bloedsomloop naar het arm of het been wordt afgesloten om dan het lichaamsdeel te “wassen” met chemotherapeutische geneesmiddelen. De dosissen liggen dan veel hoger omdat ze geen andere organen kunnen beschadigen doordat het lichaamsdeel dat ermee behandeld wordt, afgesloten is van de rest van het lichaam.
Leven met kanker is niet vanzelfsprekend. Kanker en de behandeling ervan hebben vaak grote invloed op het dagelijks leven. Niet alleen op het lichaam maar ook op de geest.
De behandeling van melanoom heeft vaak gevolgen, soms voor de rest van het leven. Mensen met melanoom kunnen te maken krijgen met de volgende klachten:
Kanker gaat samen met veel emoties. Bijvoorbeeld onzekerheid over de toekomst of angst voor pijn of voor terugkeer van de kanker. Bespreek deze angst met de arts. Ook emoties zijn goed om te bespreken en vaak is ook hier iets aan te doen.
Vermoeidheid na kanker komt veel voor. Ook bij mensen met melanoom. Dat kan door de ziekte zelf komen, maar ook door de behandeling. Als de vermoeidheid er 6 maanden na de behandeling nog is, heet het chronische vermoeidheid. De arts kan hier een oplossing voor zoeken, bijvoorbeeld hulp van een psycholoog.
Na een lymfeklieroperatie kan lymfoedeem optreden. Bij lymfoedeem hoopt zich erg veel vocht en eiwitten op in bijvoorbeeld een arm of been. Lymfoedeem is meestal blijvend. Het is wel te behandelen, zodat de klachten minder worden.
Melanoom kan pijnklachten geven. Er kunnen veel oorzaken zijn voor de pijn. Bijvoorbeeld als de tumor op een weefsel duwt, of als er uitzaaiingen zijn. Ook kan een behandeling met bestraling of chemotherapie kan pijn geven. Bespreek dit met de arts. Vaak is er iets aan te doen.
Na de behandeling van een melanoom hoef je niet helemaal uit de zon te blijven. Bescherm je wel tegen zonnestraling door beschermende kleding of zonnebrandcrème. Extra zonnen en onder de zonnebank gaan wordt afgeraden.
Verschillende zorgverleners kunnen extra begeleiding bieden. Zowel in als buiten het ziekenhuis. Probeer iemand te vinden die ervaring heeft met het begeleiden van mensen met kanker.<