Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
Meestal voelen mensen de actinische keratose vaak eerder dan dat ze deze zien. Het voelt dan steeds op dezelfde plek ruw aan en op een gegeven moment ontstaan er harde schilfers. Vaak zijn er meerdere plekjes te zien. Ze zijn dan huidkleurig, rood of bruin van kleur. De grootte kan variëren van enkele millimeters tot enkele centimeters.
In het begin zijn de plekjes beter te voelen dan te zien. Mensen met actinische keratosen geven vaak aan dat op dezelfde plek steeds opnieuw harde schilfers ontstaan. Soms zijn de plekjes gevoelig als ze aangeraakt worden. Vaak zijn er meerdere plekjes te zien. Daarnaast zijn er soms ook andere tekenen van zonneschade te zien aan de huid, zoals rimpels, zonnevlekken (lentigo solaris) of een dunne huid.
Er zijn meerdere manieren om actinische keratosen te behandelen. De manier van behandeling hangt of van het aantal-, de grootte en de locatie van de actinische keratosen. Ook weegt uiteraard de voorkeur van de patiënt mee in de uiteindelijke beslissing welke behandeling toegepast wordt. Er wordt soms ook besloten om de plekken niet te behandelen.
Vloeibaar stikstof is meestal de eerste keus voor behandeling. De actinische keratosen worden dan bevroren. Dat geeft tijdens behandeling een pijnlijk gevoel dat snel weer weg trekt. Soms kan er een blaartje ontstaan. De plekken genezen uiteindelijk als een soort schaafwondje na ongeveer 2 weken. Er hoeft geen pleister op. De actinische keratose wordt op deze manier vervangen door nieuwe normaal groeiende huid.
Curretage en elektrocoagulatie houdt in dat de actinische keratose wordt weggehaald met een scherpe lepel, waarna het weefsel eronder wordt weggebrand en de bloedvaten dichtgeschroeid worden.
Chirurgisch verwijderen van de actinische keratosen wordt soms toegepast als ze niet goed op andere behandelingen reageren. Dit is geukkig niet vaak nodig. Als dit wordt gedaan, dan wordt de plek plaatselijk verdoofd, eruit gesneden en dicht gehecht.
5-Fluorouracil (Efudix) crème bevat een stof die de celgroei afremt. Deze behandeling wordt vaker gegeven als er een groter huidoppervlak is met meerdere actinische keratosen. De slechte cellen in de huid nemen deze stof op, en daardoor kunnen deze cellen niet meer groeien en delen. Meestal wordt deze crème twee keer per dag gesmeerd voor twee tot vier weken. Tijdens de behandeling geeft het huidirritatie. Dat komt door een goede werking van de crème. Na de behandeling verdwijnt dit vanzelf weer. Behandeling met deze crème zorgt zelden voor littekens. Een ander voordeel is dat deze crème ook kleine actinische keratosen aanpakt die nog niet zichtbaar zijn.
Seborrheic keratosis often doesn’t require treatment . But if you dislike the way your lesion looks or feels, you can always talk with a dermatologist or other doctor about removal.
If your lesion is actually a precancerous or cancerous growth, you’ll need to have it removed. Your healthcare professional may recommend one of these procedures:
Any time your skin changes unexpectedly or you’re concerned about a lesion, a good next step involves getting an assessment from a dermatologist or other doctor.
Since actinic keratosis can sometimes turn into skin cancer, being vigilant about check-ups can help you lower your risk of skin cancer.
And even though seborrheic keratosis may not pose any danger to your health, it never hurts to have a professional confirm that your skin growth isn’t cancerous.
As a general rule, you’ll want to have a healthcare professional inspect your skin if:
Frequent sun exposure can increase your chances of skin cancer, but these tips can help lower your risk:
Monitoring any changes in any moles or growths can help you get timely — potentially life-saving — treatment. When in doubt, it’s always wise to visit a dermatologist for an assessment.
1. Doorbar J., Egawa N., Griffin H., Kranjec C., Murakami I. Human papillomavirus molecular biology and disease association. Reviews in Medical Virology. 2016, 25 (1):2–23. doi: 10.1002/rmv.1822. [PMC free article] [PubMed] [CrossRef] [Google Scholar]
2. Lipke M. M. An armamentarium of wart treatments. Clinical Medicine & Research. 2006, 4 (4):273–293. doi: 10.3121/cmr.4.4.273. [PMC free article] [PubMed] [CrossRef] [Google Scholar]
3. Bzhalava D., Guan P., Franceschi S., Dillner J., Clifford G. A systematic review of the prevalence of mucosal and cutaneous human papillomavirus types. Virology. 2013, 445 (1-2):224–231. doi: 10.1016/j.virol.2013.07.015. [PubMed] [CrossRef] [Google Scholar]
4. Peng L.-s., Zhang J.-y., Teng Y.-s., et al. Tumor-associated monocytes/macrophages impair NK-cell function via TGFβ1 in human gastric cancer. Cancer Immunology Research. 2017, 5 (3):248–256. doi: 10.1158/2326-6066.cir-16-0152. [PubMed] [CrossRef] [Google Scholar]
5. Qian X., Chen H., Wu X., Hu L., Huang Q., Jin Y. Interleukin-17 acts as double-edged sword in anti-tumor immunity and tumorigenesis. Cytokine. 2017, 89 :34–44. doi: 10.1016/j.cyto.2015.09.011. [PubMed] [CrossRef] [Google Scholar]