Winkelwagen
U heeft geen artikelen in uw winkelwagen
In Europa is de ziekte van Kawasaki relatief zeldzaam. Dat geldt ook voor Nederland en België. Het treft naar schatting 15 op de 100.000 kinderen jonger dan 5 jaar. Hoewel het sporadisch voorkomt, kan de aandoening in zeldzame gevallen ook bij volwassenen optreden.
De oorzaak van de ziekte van Kawasaki is vermoedelijk gerelateerd aan een bacterie of virus. De exacte trigger is anno 2024 echter onbekend. Het lijkt voort te komen uit een overreactie van het immuunsysteem in combinatie met mogelijk genetische gevoeligheid. Er zijn aanwijzingen dat het ITPKC-gen en chromosoom 19 verband houden met het ontwikkelen van de ziekte.
Symptomen van de ziekte van Kawasaki zijn onder andere:
Andere mogelijke symptomen zijn buikpijn, diarree, irritatie, gewrichtspijn en braken.
Sommige kinderen ervaren vijf of meer dagen hoge koorts, maar hebben minder dan vier van de bovengenoemde symptomen. Dit wordt een onvolledige ziekte van Kawasaki genoemd. Hoewel de symptomen niet volledig zijn, lopen deze kinderen nog steeds het risico op schade aan de hartslagaders en hebben ze behandeling nodig binnen 10 dagen na het optreden van symptomen.
Dermatoloog-klinisch farmacoloog Martijn van Doorn gaat onderzoek doen naar personalized medicine bij ontstekingsziekten van de huid. ‘Wij willen nog specifieker, liefst per patiënt nauwkeurig, gaan uitzoeken welke therapie voor hem of haar geschikt is.’
In ons centrum behandelen we zeldzame huidziekten bij kinderen en volwassenen. Wij spreken van zeldzame ziekte wanneer het minder dan 1 op de 2000 mensen treft.
Het centrum voor zeldzame huidziekten heeft de volgende doelen:
In ons centrum werken verschillende specialisten nauw samen om de best mogelijke zorg te leveren aan patiënten met zeldzame huidziekten. Wij streven ernaar om elke patiënt zorg op maat te bieden.
Het uitstrijkje is vooral belangrijk voor atypische beloop van de ziekte en om het te onderscheiden van andere ziekten. De uitstrijkjes zijn meestal snelle antigeentests, die vooral in praktijken en poliklinieken worden uitgevoerd. Het is ook mogelijk om na het uitstrijkje een bacteriële kweek uit te voeren met een exacte differentiatie van de ziekteverwekker. Omdat acute tonsillitis vaak door andere ziekteverwekkers wordt veroorzaakt, wordt een uitstrijkje voor streptokokken alleen aanbevolen voor kinderen ouder dan 3 jaar met koorts, keelpijn en gezwollen halslymfeklieren. Bij jongere kinderen, volwassenen en bij tekenen van een meestal virale verkoudheid zoals verkoudheid, hoest en heesheid, wordt een uitstrijkje uitdrukkelijk niet aanbevolen, omdat de kans op roodvonk hier klein is.
Blutprobe (iStock / mustafaoncul)
Voor specifieke vragen kunnen twee speciale parameters, anti-streptolysine O antilichamen en anti-DNAse B antilichamen, in het bloed worden onderzocht. Hierbij worden antilichamen tegen de bacteriële streptolysine O of tegen een DNA-afbrekend enzym van de streptokokken opgespoord. Vooral aan het begin van de infectie kan een sterke toename van deze antilichamen in het bloed worden waargenomen. De antilichaamconcentraties worden niet in elk geval van roodvonk bepaald.
Andere ziekten die op roodvonk kunnen lijken zijn: